Art. 4.3.2 Regeling aquacultuur, Handel in, en opslaan van aquacultuurdieren en producten daarvan, bestemd voor menselijke consumptie
1. Het is verboden om aquacultuurdieren die gevoelig zijn voor één of meer van de in bijlage IV, deel II, van richtlijn nr. 2006/88/EG vermelde niet-exotische ziekten, of de producten daarvan, in de handel te brengen voor verdere verwerking met het oog op menselijke consumptie in een lidstaat, respectievelijk een gebied of een compartiment:
a. die op grond van artikel 49 van richtlijn nr. 2006/88/EG, respectievelijk dat op grond van artikel 3.1.1, vrij is verklaard van de betreffende ziekte of ziekten, of
b. waar een bewakings- of uitroeiingsprogramma als bedoeld in artikel 44 van richtlijn nr. 2006/88/EG geldt voor de betreffende ziekte of ziekten.
2. Het verbod, bedoeld in het eerste lid, is niet van toepassing indien:
a. de aquacultuurdieren of producten daarvan, afkomstig zijn uit een lidstaat die, of een gebied of compartiment dat, op grond van artikel 49, of artikel 50, van richtlijn nr. 2006/88/EG, respectievelijk artikel 3.1.1, vrij is verklaard van desbetreffende ziekte of ziekten;
b. de aquacultuurdieren of producten daarvan, zijn verwerkt in een vergunninghoudend aquacultuurverwerkingsbedrijf onder omstandigheden die de verspreiding van ziekten voorkomen;
c. vis voorafgaand aan verzending is gestript, of
d. weekdieren en schaaldieren in de vorm van niet-verwerkte of van verwerkte producten zijn verzonden.