Art. 1.7 Subsidieregeling emancipatie, Subsidieplafond en maximale subsidiebedragen
1. Het subsidieplafond is gelijk aan het bedrag voor de operationele doelstelling ‘Het versterken van het emancipatieproces in de samenleving’ in de programma-uitgaven in de ten tijde van de aanvraag geldende Rijksbegroting OCW, artikel 25 Emancipatie, voor de betreffende jaren verdeeld naar de verschillende operationele doelstellingen betreffende emancipatie dan wel homo-emancipatie.
2. Niettegenstaande het bepaalde in het eerste lid bedraagt het maximaal beschikbare subsidiebedrag voor de subsidieontvangers genoemd onder a tot en met e voor het boekjaar 2009 maximaal:
a. voor het COC: € 300.000,–;
b. voor Stichting Aletta: € 1.858.610,–;
c. voor Stichting Her World: € 150.000,–;
d. voor E-Quality: € 2.064.998,–;
e. voor IHLIA: € 134.000,–.
3. Niettegenstaande het bepaalde in het eerste lid bedraagt het maximaal beschikbare subsidiebedrag voor de subsidieontvangers genoemd onder a tot en met g voor de boekjaren 2010 en 2011 maximaal:
a. voor het COC: € 800.000,– voor het boekjaar 2010 en € 800.000,– het boekjaar 2011;
b. voor Stichting Aletta: € 1.672.749,– voor het boekjaar 2010 en € 1.672.749,– voor het boekjaar 2011;
c. voor Stichting Her World: € 150.000,– voor het boekjaar 2010 en € 150.000,– voor het boekjaar 2011;
d. voor E-Quality: € 1.858.498,– voor het boekjaar 2010 en € 1.858.498,– voor het boekjaar 2011;
e. voor IHLIA: € 300.000,– voor het boekjaar 2010 en € 300.000,– voor het boekjaar 2011;
f. voor het TNN: € 100.000,– voor het boekjaar 2010 en € 100.000,– voor het boekjaar 2011;
g. voor de NVR: € 150.000,– voor het boekjaar 2010 en € 150.000,– voor het boekjaar 2011.
4. De Minster kan voor de boekjaren 2010 en verder bovenop de maximale subsidiebedragen in het derde lid loon- en prijscompensatie toekennen aan de instellingen genoemd in de artikelen 2.1 tot en met 2.7.