Bijlage 11 Regeling gebruik van frequentieruimte zonder vergunning 2008: maritiemmobiele communicatie
Regeling gebruik van frequentieruimte zonder vergunning 2008
Beperkingen en voorschriften als bedoeld in artikel 8, onder b, en examenvereiste als bedoeld in artikel 5, eerste lid Gebruik in de MF/HF-band is alleen toegestaan buiten het werkingsgebied van de Regionale Regeling, in de volgende frequentiebanden. Frequentie band Frequentie schip (kHz) Frequentie kuststation (kHz) Opmerkingen VHF kanaal 70 kanaal 70 Internationaal Noodkanaal DSC kanaal 16 kanaal 16 Radiotelefonie Noodkanaal kanaal 67 kanaal 67 SAR kanaal (on-scene) MF 2 MHz 2182,0 2182,0 Radiotelefonie Noodfrequentie 2174,5 2174,5 Radiotelex Noodfrequentie 2187,5 2187,5 DSC Nood- aanroepfrequentie 2177,0 DSC Aanroepfrequentie (internationaal schip/schip) 2189,5 2177,0 DSC Aanroepfrequentie (internationaal) HF 4 MHz 4125,0 4125,0 Radiotelefonie Noodfrequentie 4177,5 4177,5 Radiotelex Noodfrequentie 4207,5 4207,5 DSC Noodfrequentie 4208,0 4219,5 DSC Aanroepfrequentie (internationaal) 4208,5 4220,0 DSC Aanroepfrequentie (internationaal) 4209,0 4220,5 DSC Aanroepfrequentie (internationaal) HF 6 MHz 6215,0 6215,0 Radiotelefonie Noodfrequentie 6268,0 6268,0 Radiotelex Noodfrequentie 6312,0 6312,0 DSC Noodfrequentie 6312,5 6331,0 DSC Aanroepfrequentie (internationaal) 6313,0 6331,5 DSC Aanroepfrequentie (internationaal) 6313,5 6332,0 DSC Aanroepfrequentie (internationaal) HF 8 MHz 8291,0 8291,0 Radiotelefonie Noodfrequentie 8376,5 8376,5 Radiotelex Noodfrequentie 8414,5 8414,5 DSC Noodfrequentie 8415,0 8436,5 DSC Aanroepfrequentie (internationaal) 8415,5 8437,0 DSC Aanroepfrequentie (internationaal) 8416,0 8437,5 DSC Aanroepfrequentie (internationaal) HF 12 MHz 12290,0 12290,0 Radiotelefonie Noodfrequentie 12520,0 12520,0 Radiotelex Noodfrequentie 12577,0 12577,0 DSC Noodfrequentie (radiotelefonie) 12577,5 12657,0 DSC Aanroepfrequentie (internationaal) 12578,0 12657,5 DSC Aanroepfrequentie (internationaal) 12578,5 12658,0 DSC Aanroepfrequentie (internationaal) HF 16 MHz 16420,0 16420,0 Radiotelefonie Noodfrequentie 16695,0 16695,0 Radiotelex Noodfrequentie 16804,5 16804
- – 1) Kanaal 10 wordt tevens gebruikt voor de binnenwateren ten behoeve van veiligheidsverkeer en als aanroepkanaal.
- – 2) Kanaal 13 is voor de binnenwateren het uitwijkkanaal voor kanaal 10
- – 3) Kanaal 16 is tevens afhandelingskanaal na DSC alarmering.
- – 4) Binnen het werkingsgebied van de Regionale Regeling mag de marifoon uitzenden met een vermogen tussen 6 en 25 Watt ERP. De gebruiker van een marifoon dient het zendvermogen op de kanalen 1 t/m 5, 7, 9, 18 t/m 28, 60 t/m 69, 73, 78 t/m 88 handmatig of automatisch te reduceren op een waarde tussen 0,5 en 1 watt.
- – 5) De VHF portofoon mag uitzenden met een vermogen tussen 0,1 en 1 Watt ERP.
- – 6) Indien een externe marifoonantenne op de portofoon wordt aangesloten, dan dient het vermogen op de kanalen 1 t/m 15, 17 t/m 28 en 60 t/m 88 gereduceerd te worden tot 1 Watt. Deze bepaling is niet van toepassing op de kanalen 23 en 83 voor communicatie met de Kustwacht.
- – 6a) De binnenvaart mag ten behoeve van zand- en grindwinning en baggerwerkzaamheden gebruik maken van de kanalen 12H (frequentie 161,200 MHz) en 13H (frequentie 161,250 MHz). Het uitgestraalde vermogen is niet hoger dan 1 Watt. Kanaal 13H mag niet in Zeeland, Noord-Brabant en Limburg gebruikt worden.
- – 6b) Het gebruik van de dualwatch-functie is niet toegestaan.
- – 7) De frequentie 156,300 MHz (kanaal 06) kan ook gebruikt worden voor communicatie tussen schepen en luchtvaartuigen betrokken bij gecoördineerde SAR-operaties. Scheepsstations dienen storing van dergelijke communicatie op kanaal 06 te voorkomen, evenals van communicatie tussen luchtvaartuigen, ijsbrekers en assisterende vaartuigen in het ijsseizoen.
- – 8) De kanalen 15 en 17 mogen ook gebruikt worden voor on-board communicatie mits het effectief uitgestraalde vermogen niet groter is dan 1 Watt. Landen mogen nadere regels stellen bij gebruik van deze frequenties in hun territoriale wateren.
- – 9) Binnen de Europese maritieme regio en Canada kunnen, indien administraties dit noodzakelijk achten, de kanalen 10, 67 en 73 gebruikt worden voor communicatie tussen scheepsstations, luchtvaartuigen en stations aan de wal die betrokken zijn bij gecoördineerde SAR-operaties en schoonmaakoperaties.
- – 10) Kanaal 13 is bestemd voor wereldwijd gebruik als veiligheids- en navigatiekanaal; primair voor intership veiligheids- en navigatiecommunicatie. Het kan ook gebruikt worden voor scheepsbewegingen en havenoperaties, afhankelijk van nationale regelgeving van de betreffende administraties.
- – 11) Het gebruik van de kanalen 75 en 76 moet beperkt blijven tot navigatie-gerelateerde communicatie en alle voorzorgsmaatregelen moeten genomen worden om storing op kanaal 16 te voorkomen, bijvoorbeeld door beperking van het effectief uitgestraalde vermogen tot
- – 1 Watt of geografische scheiding.
- – 12) Buiten het werkingsgebied van de Regionale Regeling mag de automatische vermogensreductie en ATIS van de marifoon en de portofoon buiten gebruik zijn.
- – 13) Gebruik van VHF-kanalen/frequenties in de zeevisserij: De kanalen 55L (frequentie 155,775 MHz), 56L (frequentie 155,825 MHz), 14H (frequentie 161,300 MHz) en 16H (frequentie 161,400 MHz) mogen uitsluitend worden toegepast door vissersschepen voor onderling verkeer, waarbij:
- a. de kanalen 55L en 56L niet mogen worden gebruikt binnen 25 km van de Nederlandse kust;
- b. vissersschepen die (beroepsmatig) sportvisserij bedrijven, uitsluitend gebruik mogen maken van kanaal 16H.
- – zie onderdeel 6 voor een toelichting op de gebruikte begrippen
- – De UHF portofoon mag uitzenden met een vermogen tussen 0,2 en 2 watt ERP.