Art. 4.49c Rarim, Wegen of mengen van rubbercompounds of het verwerken van rubber, thermoplastisch kunststof of polyesterhars

Activiteitenregeling milieubeheer (Rarim)

1. Stoffen als bedoeld in het 4.31b, tweede lid, van het besluit, die bij het mengen van rubbercompounds of het verwerken van rubber of thermoplastische kunststof worden toegepast en in ieder geval onder een minimalisatieverplichting vallen, zijn:

a. benzyl butyl ftalaat (BBP);

b. dibutyl ftalaat (DBP);

c. di-ethyl hexyl ftalaat (DEHP);

d. di-isobutyl ftalaat (DIBP).

2. Op de stoffen, bedoeld in het eerste lid, is het bepaalde in de EG-verordening registratie, evaluatie en autorisatie van chemische stoffen onverminderd van toepassing.