Bijlage 3 Aanwijzing kinderpornografie (artikel 240b WvSr)
Aanwijzing kinderpornografie (artikel 240b WvSr)
Instellingen die kinderpornografisch materiaal willen gebruiken voor wetenschappelijke, educatieve of therapeutische doeleinden, richten zich tot het College van procureurs-generaal. Bij aanvraag wordt aangegeven voor welk doel en voor welke periode de selectie zal worden gebruikt en wie binnen de organisatie bevoegd is de selectie te gebruiken (naam en/of functie). Indien het College van procureurs-generaal, eventueel na overleg met de OM-commissie Zeden, tot de conclusie komt dat de aanvraag ingewilligd kan worden, dan stelt het College van procureurs-generaal de hoofdofficier van justitie en de zedenaanspreekofficier van justitie in het betreffende arrondissement in kennis van de verleende toestemming aan de instelling voor bezit en gebruik van kinderpornografisch materiaal zonder strafrechtelijke consequenties. De betreffende zedenaanspreekofficier van justitie stelt de coördinator kinderpornografie van de betreffende politieregio in kennis. Het College van procureurs-generaal verzoekt het KLPD om (in overleg met de aanvragende instelling) een selectie kinderpornografische afbeeldingen ter beschikking te stellen. De volgende regels voor gebruik en beveiliging worden gehanteerd: Deze regels moeten worden nageleefd om vervolging te voorkomen. Deze regels zullen tegelijk met de overdracht van het materiaal aan de instelling bekend worden gemaakt. Toepassing van de regels voor gebruik en beveiliging kan worden gecontroleerd. Voor functionarissen van het OM, bijvoorbeeld de zedenaanspreekofficier of een coördinerend medewerker kinderpornografie, bestaat eveneens de mogelijkheid om voor interne educatieve doeleinden te beschikken over een collectie kinderpornografische afbeeldingen. Hiervoor dient toestemming aan het College te worden gevraagd. Voor OM-medewerkers gelden niet de voor instellingen geldende regels voor gebruik en beveiliging, maar andere door het College bepaalde interne regels rond beveiliging van informatie.
- – De collectie wordt alleen gebruikt voor een wetenschappelijk, therapeutisch of educatief doel.
- – De relatie tussen de instelling en het doel van het gebruik is aannemelijk.
- – De collectie wordt alleen gebruikt voor het opgegeven doel en door de opgegeven persoon/personen.
- – De collectie wordt alleen gebruikt op de werkplek, dus wordt niet mee naar huis genomen.
- – De collectie wordt alleen vervoerd als dat voor het opgegeven doel noodzakelijk is. Vervoer vindt alleen plaats in een beveiligde tas of koffer.
- – De collectie wordt op het adres van de instelling bewaard in een kluis. Alleen de opgegeven persoon/personen heeft/hebben toegang tot deze kluis.
- – Digitale kinderpornografie wordt beveiligd met een wachtwoord. Alleen de opgegeven persoon/personen heeft/hebben toegang tot deze file(s). De computer staat in een afsluitbare ruimte.