Art. 5 Beleidsregels nevenactiviteiten
Beleidsregels nevenactiviteiten
1. Een nevenactiviteit ‘houdt verband met’ of ‘staat ten dienste van’ de hoofdtaak indien zij:
a. een duidelijk herkenbare afgeleide verschijningsvorm van het programmaonderdeel is;
b. de betrokkenheid van kijkers of luisteraars bij het programma of de omroep vergroot; dan wel
c. de innovatie van het programma bevordert.
2. De activiteit als bedoeld in het eerste lid, onder b en c, van dit artikel moet aantoonbaar inhoudelijk aansluiten bij het programma of de omroep.