Art. 1 Beleidsregels bestuurlijke handhaving Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag
Beleidsregels bestuurlijke handhaving Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag
1. Indien een werkgever de op hem rustende verplichting, bedoeld in artikel 7 van de wet, niet of onvoldoende nakomt wordt hem per werknemer ten aanzien van wie de overtreding is begaan een boete opgelegd waarvan de hoogte wordt bepaald aan de hand van onderstaande tabel.
2. Indien een werkgever de op hem rustende verplichting, bedoeld in artikel 15 van de wet, niet of onvoldoende nakomt wordt hem per werknemer ten aanzien van wie de overtreding is begaan een boete opgelegd van € 700,–, met dien verstande dat een boete uitsluitend wordt opgelegd als de betaalde vakantiebijslag minder bedraagt dan 8% van het minimumloon, bedoeld in artikel 7 van de wet.
3. Indien een werkgever niet of in onvoldoende mate schriftelijke bescheiden kan overleggen waaruit de aard van de arbeidsrelatie, het door hem betaalde loon, de door hem betaalde vakantiebijslag of het aantal gewerkte uren blijkt van een in zijn onderneming, bedrijf of inrichting aangetroffen werkzame persoon wordt hem voor iedere persoon die het betreft een boete opgelegd van € 6.700,–.
4. De totale bij een boetebeschikking op te leggen boete bestaat, ingeval er sprake is van meer werknemers ten aanzien van wie beboetbare feiten zijn begaan, uit de som van het per werknemer vastgestelde boetebedrag.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- ABRvS 14 maart 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BV8810
- ABRvS 13 juli 2011, ECLI:NL:RVS:2011:BR1401
- ABRvS 16 oktober 2013, ECLI:NL:RVS:2013:1537
- Rb. Zwolle-Lelystad 17 augustus 2011, ECLI:NL:RBZLY:2011:BR6107
- Rb. 's-Hertogenbosch 10 juli 2012, ECLI:NL:RBSHE:2012:BX0939
- Rb. 's-Hertogenbosch 16 december 2011, ECLI:NL:RBSHE:2011:BU8373
- Rb. 's-Gravenhage 14 oktober 2009, ECLI:NL:RBSGR:2009:BK2989
- Rb. 's-Gravenhage 14 oktober 2009, ECLI:NL:RBSGR:2009:BK2977