Bijlage 1 Regeling inburgering: (Tijdelijke verblijfsdoelen) behorende bij artikel 2.1 van de Regeling inburgering
Tijdelijke verblijfsdoelen Treedt in werking met ingang van 1 januari 2022, voorafgaand aan de inwerkingtreding van de Regeling inburgering 2021.
- a. uitwisseling, al dan niet in het kader van een verdrag;
- b. studie;
- c. seizoenarbeid;
- d. lerend werken;
- e. arbeid in loondienst;
- f. grensoverschrijdende dienstverlening;
- g. arbeid als niet-geprivilegieerd militair of niet-geprivilegieerd burgerpersoneel;
- h. arbeid als kennismigrant;
- i. verblijf als houder van de Europese blauwe kaart in de zin van richtlijn 2009/50/EG van de Raad van 25 mei 2009 betreffende de voorwaarden voor toegang en verblijf van onderdanen van derde landen met het oog op een hooggekwalificeerde baan (PbEU L 155);
- j. wetenschappelijk onderzoek in de zin van richtlijn 2005/71/EG van de Raad van 12 oktober 2005 betreffende een specifieke procedure voor de toelating van onderdanen van derde landen met het oog op wetenschappelijk onderzoek (PbEU L 289);
- k. arbeid als zelfstandige;
- l. het zoeken en verrichten van arbeid al dan niet in loondienst;
- m. verblijf als familie- of gezinslid bij een persoon die voor een tijdelijk doel in Nederland verblijft;
- n. medische behandeling;
- o. het afwachten van een verzoek op grond van artikel 17 van de Rijkswet op het Nederlanderschap;
- p. tijdelijke humanitaire gronden;
- q. het doorbrengen van verlof in Nederland;
- r. het afwachten van herstel en hervatting van de arbeid in loondienst aan boord van een Nederlands zeeschip of op een mijnbouwinstallatie op het continentaal plat;
- s. verblijfsrecht op grond van artikel 3.4, vierde lid, van het Vreemdelingenbesluit, Indien bij de verlening van een verblijfsvergunning is bepaald dat het verblijfsrecht tijdelijk van aard is.