Art. 19 Vr Wft, Vrijstelling als bedoeld in artikel 3:5, derde lid, van de wet

Vrijstellingsregeling Wft (Vr Wft)

1. Gerechtsdeurwaarders als bedoeld in artikel 1, onderdeel c, van de Gerechtsdeurwaarderswet zijn vrijgesteld van artikel 3:5, eerste lid, van de wet, voorzover zij de opvorderbare gelden aanhouden op een rekening als bedoeld in artikel 19 van de Gerechtsdeurwaarderswet.

2. Notarissen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel a, van de Wet op het notarisambt zijn vrijgesteld van artikel 3:5, eerste lid, van de wet, voorzover zij de opvorderbare gelden aanhouden op een rekening als bedoeld in artikel 25 van de Wet op het notarisambt.