Art. 131 BGfo Wft, Regels voor beheerders van icbe’s en icbe’s

Besluit Gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft (BGfo Wft)

1. In afwijking van artikel 130 kan het beheerde vermogen van een icbe:

a. voor ten hoogste tien procent worden belegd in effecten en geldmarktinstrumenten die niet zijn toegelaten tot of worden verhandeld op een gereglementeerde markt of een andere markt in financiële instrumenten;

b. indien het een maatschappij voor collectieve belegging in effecten betreft: worden belegd in zaken die rechtstreeks noodzakelijk zijn voor de uitoefening van haar werkzaamheid; of

c. worden aangehouden in accessoir liquide middelen.

2. In afwijking van artikel 130 kan het beheerd vermogen van een feeder-icbe voor maximaal vijftien procent:

a. worden belegd in financiële derivaten, bedoeld in artikel 130, onderdelen g en h, die alleen met het doel om risico af te dekken mogen worden gebruikt;

b. indien het een maatschappij voor collectieve belegging in effecten betreft: worden belegd in zaken die rechtstreeks noodzakelijk zijn voor de uitoefening van haar werkzaamheid; of

c. worden aangehouden in accessoir liquide middelen.