Bijlage 4 Regeling vaststelling toetstermen examens financiële dienstverlening
Regeling vaststelling toetstermen examens financiële dienstverlening
Nummer toetsterm Termen T Eindterm 2a: De financiële dienstverlener inzake effecten is in staat uit te leggen aan de consument waarom het voor een goed beleggingsadvies belangrijk is een risicoprofiel te maken. 2a.1 De kandidaat kan zorgplicht definiëren. K 2a.2 De kandidaat kan aan de klant uitleggen wat het belang is van het houden van een inventarisatiegesprek. B Eindterm 2b: De financiële dienstverlener inzake effecten is in staat de voor het risicoprofiel benodigde informatie over de financiële positie, ervaring en doelstellingen van de consument te verzamelen. 2b.1 De kandidaat kan de eisen die de Wfd stelt ten aanzien van het vaststellen van een risicoprofiel benoemen. K 2b.2 De kandidaat kan inschatten welke valkuilen er zijn bij het in kaart brengen van de financiële positie, kennis, ervaring en beleggingsdoelstelling van de klant. Ti 2b.3 De kandidaat kan de inventarisatievragen categoriseren in de rubrieken uit de Wfd (financiële positie, kennis, ervaring, doelstelling, risicobereidheid). B 2b.4 De kandidaat kan de rubrieken uit de Wfd categoriseren naar inventarisatievraag. B 2b.5 De kandidaat kan uitleggen welk verschil er is tussen een vermogensdoel met een objectieve danwel subjectieve prioriteit. B Eindterm 2c: De financiële dienstverlener inzake effecten is in staat de risicotolerantie van de consument in kaart te brengen. 2c.1 De kandidaat kan risicotolerantie en risico definiëren. K 2c.2 De kandidaat kan per vraag uitleggen wat het verband is tussen de vraag en de risicotolerantie van de klant. B 2c.3 De kandidaat kan demonstreren wanneer er sprake is van tegenstrijdige antwoorden van de klant op vragen . Ti 2c.4 De financieel adviseur kan per antwoord van de klant op een vraag uit de vragenlijst, een additionele vraag stellen die daarmee verband houdt. Tp Eindterm 2d: De financiële dienstverlener inzake effecten is in staat op basis van de verzamelde informatie vast te stellen welk risicoprofiel op dit moment past bij de consument en te onderbouw