Art. 1:106d Wft, Verklaringen van geen bezwaar als bedoeld in de artikelen 3:95 tot en met 3:97

Wet op het financieel toezicht (Wft)

1. Indien de Nederlandsche Bank of de Europese Centrale Bank de aanvraag niet binnen de beslistermijn, bedoeld in artikel 1:106b of 1:106c, heeft afgewezen, wordt de verklaring van geen bezwaar geacht te zijn verleend. Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht is van overeenkomstige toepassing op aanvragen die door de Nederlandsche Bank niet binnen de beslistermijn zijn afgewezen.

2. Het eerste lid is niet van toepassing op een aanvraag voor een verklaring van geen bezwaar voor een handeling als bedoeld in artikel 3:96a, eerste lid, onderdelen b of c, of 3:96c, eerste lid, onderdelen b of c, tenzij de handeling uitsluitend plaatsvindt tussen ondernemingen als bedoeld in artikel 3:96a, eerste lid, aanhef, onderscheidenlijk, 3:96c, eerste lid, aanhef, uit dezelfde groep.

3. De betrokken onderneming die een mededeling als bedoeld in het derde lid ontvangt, deelt het besluit mede aan de instanties die belast zijn met het toezicht op de fusie of splitsing als bedoeld in artikel 3:96a, eerste lid, onderdelen b of c, of 3:96c, eerste lid, onderdelen b of c, uit hoofde van het vennootschapsrecht.