Art. 6 Regeling specifieke uitkeringen excessieve opgravingskosten

Regeling specifieke uitkeringen excessieve opgravingskosten

1. Onverminderd artikel 11 van het Bekostigingsbesluit cultuuruitingen wordt in de aanvraag aangegeven:

a. waarom de kosten van het archeologische onderzoek waarvoor de specifieke uitkering wordt gevraagd, naar het oordeel van de aanvrager voor hem onevenredig hoog zijn;

b. in hoeverre de initiatiefnemer of de initiatiefnemers van het bodemverstorende project financieel bijdraagt onderscheidenlijk bijdragen aan de kosten van het archeologische onderzoek;

c. welke cultuurhistorische waarde het terrein naar het oordeel van de aanvrager vertegenwoordigt;

d. hoe de planvoorbereiding van het desbetreffende bodemverstorende project heeft plaatsgevonden.

2. Onverminderd artikel 11 van het Bekostigingsbesluit cultuuruitingen gaat een aanvraag om een specifieke uitkering vergezeld van:

a. een door de aanvrager akkoord bevonden definitieve offerte met daarin een overzicht van de totale kosten van het archeologische onderzoek;

b. een door de aanvrager akkoord bevonden programma van eisen met betrekking tot de desbetreffende opgravingen; en, indien beschikbaar,

c. een door de aanvrager akkoord bevonden ontwerp of een door de aanvrager akkoord bevonden bestek voor het doen van de desbetreffende opgravingen.