Art. 35 Rbrg 2006, Bepalingen met betrekking tot een verklaring voor residu dat is vrijgekomen bij de procesmatige reiniging van partijen verontreinigde grond waaruit naar verwachting niet-reinigbaar te storten residu zal ontstaan

Regeling beoordeling reinigbaarheid grond (Rbrg 2006)

1. Na zes maanden na de datum van afgifte van de verklaring die met toepassing van § 4 van hoofdstuk 2 is verleend, dienen met betrekking tot de verstreken periode van zes maanden de volgende gegevens te worden overgelegd aan Rijkswaterstaat, onderdeel Bodem+:

a. een overzicht met de herkomst en status van de ingekomen partijen, waarvan het residu onder de verklaring die met toepassing van § 4 van hoofdstuk 2 is verleend, is gestort;

b. de hoeveelheid ingenomen verontreinigde grond in tonnen droge stof;

c. de hoeveelheid afgevoerd residu in tonnen gespecificeerd naar verwerker.

2. Jaarlijks dient een materialenbalans over de scheidingsinstallatie van het voorgaande boekjaar te worden overgelegd aan Rijkswaterstaat, onderdeel Bodem+.