Art. 21 Rbrg 2006, Bepalingen met betrekking tot het onderzoek van verontreinigde grond

Regeling beoordeling reinigbaarheid grond (Rbrg 2006)

1. De partij wordt in depot bemonsterd, door een persoon of instelling die daartoe op grond van het Besluit bodemkwaliteit is erkend, overeenkomstig:

a. SIKB-protocol 1001, of;

b. het Accreditatieschema monsterneming voor partijkeuringen (AS1000), volgens SIKB-protocol 1001.

2. Bij het gebruik van SIKB-protocol 1001 wordt bemonsterd overeenkomstig de doelstelling keuring niet-reinigbare of niet-immobiliseerbare grond voor verwijdering (ten behoeve van verklaring waaruit blijkt dat de grond niet reinigbaar en niet immobiliseerbaar is), zoals opgenomen in tabel 1 van hoofdstuk 6 van genoemd protocol.

3. Bij het gebruik van SIKB-protocol 1001 wordt ten aanzien van het nemen van grepen de strategie 2 maal 50 grepen gevolgd, overeenkomstig hoofdstuk 6 van genoemd protocol, met uitzondering van de paragrafen 6.2.2, 6.2.4 en 6.2.5 uit genoemd protocol.