Bijlage 2 Mandaatregeling RDW: , als bedoeld in artikel 6, tweede lid

Mandaatregeling RDW

Nadere specificatie van bevoegdheden voor niet-leidinggevende medewerkers. de Coördinator Kwaliteitszorg KZ en de Coördinator Klachtenprocedure KZ: de Ontheffingsmedewerker: – het verlenen en afwijzen van ontheffingen op grond van artikel 149 en 149a van de Wegenverkeerswet 1994; de Kwaliteitscoördinator Typegoedkeuringen: – het registreren van klachten en het coördineren van de afhandeling daarvan; a. de Technisch Hoofdinspecteur, de Technisch Inspecteur Specialist, de Teamleider Testen: – het opstellen en afgeven van testrapporten in het kader van een onderzoek van voertuigen, voertuigonderdelen of uitrustingsstukken van voertuigen op grond van artikel 22 of 26 van de Wegenverkeerswet 1994 of op grond van de internationale EU- of ECE voorschriften terzake. de Bedrijfsinspecteur: de bedrijvencontroleurs: de productieconsultants KCC, de (senior) medewerkers KCC en de (senior) medewerkers WPR: de medewerkers LIV: – het ongeldig verklaren van kentekenbewijzen voor het rijden over de weg, op basis van artikel 58 van de Wegenverkeerswet 1994 in samenhang met artikel 6 onder g en artikel 38 van het Kentekenreglement; de medewerkers Beoordeling en Helpdesk: – het in ontvangst nemen van aanvragen voor en het afgeven van rijbewijzen en verklaringen uit het register CRB; de medewerkers Bezwaar, Beroep en Klachten: de Beleidsmedewerkers OVR: – het optreden in internationaal, EU-, ECE- en Benelux overleg. De in de punten 1 tot en met 4 genoemde medewerkers maken van de hen verleende machtiging uitsluitend gebruik voorzover het handelingen betreft, die naar hun aard of inhoud niet een zodanig gewicht hebben, dat zij behoren te worden verricht door de functionaris onder wie zij rechtstreeks ressorteren. De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.