Bijlage 1 Regeling eenmalige uitkering spoorse doorsnijdingen: als bedoeld in artikel 5, derde lid, van de Regeling eenmalige uitkering spoorse doorsnijdingen
Regeling eenmalige uitkering spoorse doorsnijdingen
De aanvraag wordt gericht aan de minister onder vermelding van ‘aanvraag eenmalige uitkering spoorse doorsnijdingen’. Postadres: Minister van Verkeer en Waterstaat Directoraat-Generaal Mobiliteit Directie Spoorvervoer Postbus 20901 2500 EX Den Haag Bij de indiening van de aanvraag dient gebruik gemaakt te worden van onderstaand format. De minister gebruikt bij de beoordeling van de aanvraag de informatie zoals is vermeld in dit format. Bij de invulling van het format dient de gemeente: Informatie die niet in het format opgenomen is, wordt niet meegenomen in de beoordeling. De aanvraag dient door het bestuur van de gemeente ondertekend te worden. Zij staat garant voor de juistheid van de informatie in deze aanvraag. Een ondertekende aanvraag bestaande uit het format en eventueel onderliggende stukken dient in tweevoud te worden ingediend. Daarnaast dient een elektronische kopie van de aanvraag en eventuele onderliggende stukken te worden bijgevoegd. Naam gemeente Naam en functie contactpersoon Betrokken partners Bezoekadres Postadres Postcode Plaats Telefoonnummer Fax E-mail In hoeverre worden nieuwe of bestaande woonwijken beter ontsloten? Hierbij wordt een kwalitatieve beschrijving verwacht als mede een kwantitatieve aanduiding uitgedrukt in omrijtijd en reistijd. In hoeverre worden stedelijke voorzieningen beter ontsloten? Hierbij moet worden aangegeven om welke voorzieningen het gaat en, voorzover bekend, om hoeveel gebruikers het gaat. In hoeverre wordt de relatie tussen functioneel samenhangende stedelijke gebieden verbeterd? Hierbij moet worden aangegeven om welke samenhang het gaat en, indien bekend, om hoeveel gebruikers het gaat. In hoeverre wordt de capaciteit en doorstroming van het onderliggende wegennet verbeterd? Dit dient te worden uitgedrukt in wachttijden voor weggebruikers, onder te verdelen in gemotoriseerde voertuigen (behalve bromfietsen) en andere weggebruikers. Hierbij dient zowel de huidige als de toekomstige situatie te worden beschreven. Is
- – de vraag voldoende gemotiveerd kwalitatief te beantwoorden;
- – indien er kwantitatieve gegevens beschikbaar zijn, dan dient de gemeente deze bij te voegen;
- – eventueel te verwijzen naar onderliggende stukken. Als wordt verwezen naar onderliggende stukken dan moet een concrete verwijzing naar pagina(s) worden opgenomen. Het is niet de bedoeling dat de beoordelaars van de aanvraag moeten zoeken naar onderbouwingen, toelichtingen en beschrijvingen;
- – aan te geven of en in hoeverre informatie in de aanvraag als vertrouwelijk dient te worden behandeld.
- – wat de geografische afbakening van het project is;
- – welke onderdelen het project kent;
- – een plankaart inclusief afbakening;
- – een plan: beschrijving van de werkzaamheden die ertoe leiden dat het project gerealiseerd wordt.
- a. wat de kosten zijn voor het project, opgebouwd volgens de Standaard Systematiek Kostenramingen (SKK, CROW publicatie 137). De volledige onderbouwing van de kostenraming dient meegeleverd te worden.
- b. welke partijen welk bedrag dragen (procentueel en absoluut) en uit welke stukken dit blijkt. Afschrift van de stukken, met verwijzing bijvoegen.
- c. wat de gevraagde bijdrage is (procentueel en absoluut). Hierbij dient, bij de onderbouwing, rekening gehouden te worden met artikel 4 en de daarin genoemde kosten.
- d. voor welk jaar/welke jaren wordt de uitkering aangevraagd? (cashflow planning)
- a. de capaciteit van het spoorsysteem?
- b. beschikbaarheid van het spoorsysteem?
- c. betrouwbaarheid van het spoorsysteem?