Art. 9 Verordening welzijnsnormen konijnen (PPE) 2006, Administratie
Verordening welzijnsnormen konijnen (PPE) 2006
1. De konijnenhouder houdt in zijn administratie maandelijks nauwgezet de volgende gegevens bij:
a. het aantal levend geboren konijnen;
b. het aantal konijnen dat gespeend wordt;
c. het aantal voedsters, vleeskonijnen, fokrammen en opfokkonijnen dat van buiten het bedrijf van de konijnenhouder wordt aangevoerd;
d. het uitvalpercentage van voedsters en opfokkonijnen gezamenlijk en het uitvalpercentage van vleeskonijnen;
e. het aantal voedsters, vleeskonijnen, fokrammen en opfokkonijnen dat levend wordt afgevoerd;
f. de al dan niet op advies van of door een dierenarts verstrekte preventieve of curatieve medicaties of vaccinaties;
g. de uitgevoerde ingrepen;
h. eventuele calamiteiten.
2. De konijnenhouder voert een zodanige administratie, dat de gegevens, genoemd in het eerste lid, te allen tijde op een eenvoudige wijze kunnen worden gekend.