Art. 4 Uitdagersregeling, Afwijzingsgronden
1. De in artikel 15, onderdeel c, van de kaderregeling bedoelde termijn, is drie jaar.
2. In aanvulling op artikel 15, onderdeel a en c tot en met g, van de kaderregeling beslist de minister afwijzend op een aanvraag indien:
a. hij de subsidiabele kosten raamt op minder dan € 300.000;
b. onvoldoende vertrouwen bestaat dat de subsidie-ontvanger een excellent innovatieproject en de daarop volgende fase van commercialisatie kan financieren;
c. onvoldoende vertrouwen bestaat dat de subsidie-ontvanger een excellent innovatieproject in technische en economische zin tot een succes zal kunnen maken.