Bijlage 2 Regeling vaststelling model financiële verantwoording en controleprotocol rijksbijdrage educatie 2005
Deze bijlage behoort bij de regeling nr. CFI/BGS/2005/208132 M Dit onderdeel is het uitgangspunt voor de accountant bij het controleren van de verantwoording van de rijksbijdrage educatie. Van de accountant wordt verwacht dat hij met een grote mate van nauwkeurigheid het onderzoek uitvoert naar de getrouwheid van de gegevens in de verantwoording rijksbijdrage educatie 2005. Alle bevindingen legt de accountant vast in een controledossier. Bij een volgende controle kan dan worden nagegaan of de gemeente afdoende maatregelen heeft getroffen om deze bevindingen te voorkomen. In het controledossier neemt de accountant een risicoanalyse op; de accountant geeft gemotiveerd aan hoe de controle is ingericht en uitgevoerd en of er onderwerpen uit dit protocol niet of niet uitgebreid zijn gecontroleerd. De accountant moet controleren of de bestedingen rechtmatig zijn geweest. Op de controle van de besteding en overdracht door de gemeente van de rijksbijdrage educatie zijn bepaalde toleranties van toepassing. De accountant moet de controle zo inrichten dat deze met een zekerheid van 95% de uitspraak kan doen dat de gemeente in 2005 niet meer dan 1% van de rijksbijdrage educatie onrechtmatig heeft besteed of overgedragen. De toleranties zijn gebaseerd op percentages die gelden voor het financieel jaarverslag OCW, op grond van de richtlijnen van het Interdepartementaal Overleg Departementale Auditdiensten. Onjuistheden in de verantwoording/besteding Onzekerheden in de controle Beperking Afkeuring Beperking Oordeel onthouding Controle rijksbijdrage educatie Tolerantie t.o.v. rijksbijdrage educatie >1% en < 3% ≥ 3% > 3% en < 10% ≥ 10% Zoals eerder is aangegeven, is de gemeente ervoor verantwoordelijk dat de rijksbijdrage educatie bij de instellingen doelmatig en rechtmatig wordt besteed. De gemeente moet in de overeenkomst regelen hoe en wanneer de instellingen verantwoording afleggen aan de gemeente. De accountant controleert of in de overeenkomst tussen gemeente en regionaal ople