Bijlage 8a Rfbb: behorende bij artikel 13a, Regeling financiële bepalingen bodemsanering 2005

Regeling financiële bepalingen bodemsanering 2005 (Rfbb)

Verordening nr. 994/98 kent de Europese Commissie de bevoegdheid toe bij verordening een drempel vast te stellen waaronder steunmaatregelen worden geacht niet aan de criteria van artikel 87, lid 1 van het EG-verdrag te voldoen, en derhalve niet hoeven te worden aangemeld conform het bepaalde in artikel 88, lid 1, van het EG-Verdrag. Deze verordening betreft de de-minimisverordening nr. 1998/2006 van 15 december 2006.4Pb EU 2006, L 379/5. Er moet aan een aantal voorwaarden worden voldaan. De Europese Commissie ziet erop toe dat deze staatssteunregels worden nageleefd en de voorwaarden in acht worden genomen. Eén van de voorwaarden is dat het totale bedrag van de-minimissteun die is verleend aan één onderneming niet hoger mag zijn dan € 200.000 over een periode van drie belastingjaren. Dit plafond is van toepassing ongeacht de vorm van de steun en ongeacht het daarmee beoogde doel. Voor de sector wegvervoer bedraagt het plafond € 100.000. Hierbij verklaart ondergetekende, dat aan de hierna genoemde onderneming alsmede aan het eventuele gehele moederconcern waartoe de onderneming behoort 5 S.v.p. aankruisen wat van toepassing is. 1 januari 20.... (jaartal 2 belastingjaren gelegen vóór de datum van ondertekening van deze verklaring) tot ............ ............... 20.... (datum van ondertekening van deze verklaring) eerder de-minimissteun (in welke vorm of voor welk doel dan ook) is verleend (of het al daadwerkelijk is uitbetaald doet niet terzake) tot een totaal bedrag van € ......................................................... Een kopie van gegevens waaruit het verlenen van de-minimissteun blijkt wordt bijgaand verstrekt. 1 januari .... (jaartal 2 belastingjaren gelegen vóór de datum van ondertekening van deze verklaring) tot ........... ................ 20.... (datum van ondertekening van deze verklaring) niet eerder de-minimissteun is verleend. Tevens verklaart ondergetekende dat de hierna genoemde onderneming niet werkzaam is in één van de in art. 1, lid 1, de