Bijlage 1 Besluit ammoniakemissie huisvesting veehouderij: bij het Besluit ammoniakemissie huisvesting veehouderij
Besluit ammoniakemissie huisvesting veehouderij
Diercategorie Maximale emissiewaarde bedoeld in artikel 2, eerste lid, in kg NH3 per dierplaats per jaar Aantal dieren bedoeld in artikel 3, tweede lid hoofdcategorie rundvee Melk- en kalfkoeien ouder dan 2 jaar 9,5 3 hoofdcategorie varkens biggenopfok (gespeende biggen) 0,23 20 kraamzeugen (incl. biggen tot spenen) 2,9 guste en dragende zeugen 2,6 vleesvarkens, opfokberen van ca. 25 kg tot 7 maanden, opfokzeugen van ca. 25 kg tot eerste dekking 1,4 samen 151 hoofdcategorie kippen opfokhennen en hanen van legrassen; batterijhuisvesting: jonger dan 18 weken 0,0062 nageschakelde technieken: 0,010 legkippen en (groot-)ouderdieren van batterijhuisvesting: legrassen 0,0133,4 niet-batterijhuisvesting: samen 500 0,125 nageschakelde technieken: 0,015 ouderdieren van vleeskuikens 0,435 nageschakelde technieken: 0,015 vleeskuikens 0,045 1 Voor de bepaling van het aantal dieren worden de bij de kraamzeugen behorende biggen (de niet-gespeende biggen) niet meegeteld. 2 Indien het een huisvestingssysteem betreft waarbij de mestdroging in het huisvestingssysteem is geïntegreerd, bedraagt de maximale emissiewaarde 0,016. 3 Indien het een huisvestingssysteem betreft waarbij de mestdroging in het huisvestingssysteem is geïntegreerd, bedraagt de maximale emissiewaarde 0,028. 4 De maximale emissiewaarde geldt niet voor aangepaste kooien als bedoeld in de artikelen 2.71 en 2.72 van het Besluit houders van dieren.