Art. 61 Subsidieregeling publieke gezondheid, Nationaal programma grieppreventie

Subsidieregeling publieke gezondheid

De subsidie, bedoeld in artikel 60, wordt verstrekt voor griepvaccinaties die in de periode van 1 september van enig jaar tot en met 30 april van het daarop volgende jaar worden toegediend door:

a. huisartsen aan:

1°. patiënten met afwijkingen en functiestoornissen van de luchtwegen en longen;

2°. patiënten met een chronische stoornis van de hartfunctie;

3°. patiënten met diabetes mellitus;

4°. patiënten met chronische nierinsufficiëntie;

5°. patiënten die recent een beenmergtransplantatie hebben ondergaan;

6°. personen geïnfecteerd met hiv;

7°. kinderen en adolescenten in de leeftijd van 6 maanden tot 18 jaar die langdurig salicylaten gebruiken;

8°. personen vanaf 60 jaar, inclusief personen die voor 1 mei van het jaar volgend op het jaar waarvoor subsidie wordt verstrekt 60 jaar worden;

9°. personen met verminderde weerstand tegen infecties;

10°. personen met morbide obesitas en een body mass index van 40 of hoger;

11°. personen onder de 60 jaar met dementie;

12°. personen met cochleaire implantaten; of

13° personen met een verstandelijke beperking die niet verblijven in een instelling als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder f, van de Wet toelating zorginstellingen;

14°. personen die vanuit hun professie of vrijwilligerswerk een hoger risico lopen op blootstelling aan vogelgriep;

b. artsen aan personen als bedoeld onder a die verblijven in een instelling als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder f, van de Wet toelating zorginstellingen.

Uitspraken die dit artikel aanhalen