Art. 3.9 Besluit bekwaamheidseisen onderwijspersoneel, Pedagogische bekwaamheid (kunde)

Besluit bekwaamheidseisen onderwijspersoneel

1. De instructeur is pedagogisch bekwaam wat betreft kunde indien hij ten minste in staat is:

a. een groep aan te sturen en te begeleiden; en

b. de ontwikkelingen in het leren en gedrag van studenten te volgen.

2. Om te voldoen aan het eerste lid is het nodig dat de instructeur:

a. oog heeft voor de sociaal-emotionele en morele ontwikkeling van studenten;

b. rekening houdt met de leefwereld van studenten en de culturele bepaaldheid daarvan;

c. tijdig moeilijkheden bij studenten signaleert en een student zo nodig weet te verwijzen naar de meest aangewezen persoon of instantie;

d. bijdraagt aan een veilige leeromgeving voor studenten;

e. duidelijk zijn verwachtingen communiceert naar studenten en daarbij kenbaar maakt welke ruimte er is voor eigen initiatief;

f. verschillende pedagogische methoden weet te gebruiken, afhankelijk van de student en diens situatie;

g. adequaat optreedt bij normoverschrijdend gedrag van studenten;

h. de pedagogische uitgangspunten van het onderwijsteam waartoe hij behoort, toepast op zijn eigen handelen in de omgang met studenten;

i. voorbeeldgedrag laat zien in verband met het beroep waarvoor wordt opgeleid;

j. het proces van interactie met en tussen studenten van een afstand weet te beschouwen en eventuele bijzonderheden tijdens de uitvoering van zijn instructie meldt aan de verantwoordelijke docent; en

k. hulp weet te vragen bij organisatorische belemmeringen in de uitvoering van zijn taken.