Bijlage 1 Regeling aanvraagprocedure en veiling gebruiksrecht frequentieruimte voor PAMR: als bedoeld in artikel 2
Regeling aanvraagprocedure en veiling gebruiksrecht frequentieruimte voor PAMR
Plaats en datum: Groningen, .......... 2005 Nummer: AT-EZ/.......... Aantal bladen: 1 van 3 Onderwerp: Vergunning voor het gebruik van frequentieruimte ten behoeve van Public Access Mobile Radio (PAMR) De Minister van Economische Zaken Gelezen de aanvraag van ..........; Gelet op artikel 3.3 van de Telecommunicatiewet en op artikel 16 van het Frequentiebesluit; Besluit: In deze beschikking wordt verstaan onder: Aan .........., hierna te noemen: de vergunninghouder, wordt een vergunning verleend voor het gebruik van de frequentieruimte: 451,76875–454,76875 MHz / 461,76875–464,76875 MHz ten behoeve van een PAMR netwerk. De vergunninghouder houdt een actueel overzicht van de in gebruik zijnde basisstations ter beschikking, waarin voor elk station de gegevens, genoemd in bijlage 5 bij deze beschikking, worden opgenomen. Deze gegevens worden na een verzoek daartoe van de Minister van Economische Zaken onmiddellijk verstrekt. Deze beschikking treedt in werking met ingang van .......... en geldt tot en met .......... {vergunningsduur is 15 jaar}. Deze beschikking zal in de Staatscourant worden geplaatst. De Minister van Economische Zaken, namens deze: Hoofd Vergunningen Agentschap Telecom Bijlage, behorende bij de vergunning d.d. .......... 2005, nummer AT-EZ/.........., verleend aan .......... voor het gebruik van frequentieruimte ten behoeve van PAMR De frequentietechnische voorwaarden bedoeld in artikel 2, lid b van de vergunning zijn: Frequenties (MHz) Voorkeur in grensgebied Onderband van–tot Bovenband van–tot BEL/D/HOL D/HOL BEL/HOL 451,76875–452,04375 461,76875–462,04375 BEL HOL BEL 452,04375–452,78125 462,04375–462,78125 BEL D BEL 452,78125–453,51875 462,78125–463,51875 D D BEL 453,51875–454,76875 463,51875–464,76875 HOL HOL HOL De in de tabel genoemde grensgebieden zijn slechts een indicatie; de grootte van de gebieden is afhankelijk van de toe te passen parameters (zie onderstaande voorwaarden). De gebiedsindicatie BEL/D/HOL betreft globaal Limburg. De gebiedsind
- a. PAMR netwerk: Public Access Mobile Radio-netwerk, een openbaar elektronisch communicatienetwerk voor mobiele communicatiedienstverlening ten behoeve van besloten gebruikersgroepen;
- b. besloten gebruikersgroep: een besloten gebruikersgroep bestaat uit gebruikers van elektronische communicatiediensten die onderling een duurzame professionele relatie hebben en daardoor binnen de groep een communicatiebehoefte hebben die voortvloeit uit het gemeenschappelijke belang dat aan deze duurzame relatie ten grondslag ligt. De duurzame professionele relatie omvat meer dan alleen het gezamenlijk afnemen van elektronische communicatiediensten en de besloten gebruikersgroep is niet uitsluitend opgezet om elektronische communicatiediensten af te nemen;
- c. basisstation: een radiozendapparaat of een samenstel van radiozendapparaten dat op een vaste plaats is opgesteld;
- d. CEPT: Conférence Européenne des Postes et des Télécommunications;
- e. Radioreglement: Radioreglement 2000 met bijlagen, behorende bij de op 6 november 1998 te Minneapolis tot stand gekomen Internationale Constitutie en Conventie van de Internationale Telecommunicatie Unie (Trb. 2004, 48).
- f. voorkeursfrequentie: een frequentie die op basis van afspraken met de buurlanden bij voorkeur tot op de landgrens kan worden ingezet, teneinde storing zo veel mogelijk te voorkomen.
- a. de vergunninghouder neemt binnen 1 jaar na vergunningverlening ten minste 15 basisstations in gebruik en houdt deze in gebruik;
- b. de vergunninghouder neemt binnen 4 jaar na vergunningverlening ten minste 50 basisstations in gebruik en houdt deze in gebruik;
- c. de vergunninghouder biedt binnen 5 jaar na vergunningverlening in elke provincie zijn diensten aan via het PAMR-netwerk in elk van deze provincies.
- a. Het gebruik van de frequentieruimte voor het PAMR netwerk vindt plaats met inachtneming van de in bijlage 1 opgenomen frequentietechnische voorwaarden;
- b. voor zover daarvan in de vergunning niet wordt afgeweken, vindt het gebruik van de frequentieruimte voor het PAMR netwerk plaats in overeenstemming met de aanbeveling T/R 25-08 van de CEPT en de volgende multilaterale overeenkomsten met de buurlanden;
- – Agreement on the co-ordination of the frequency bands 410–430 MHz and 440–470 MHz concluded between the Administrations of Belgium, France, Germany, Luxembourg, The Netherlands and Switzerland (bijlage 2);
- – Agreement between the administrations of Austria, Belgium, the Czech Republic, Germany, France, Hungary, the Netherlands, Croatia, Italy, Liechtenstein, Lithuania, Luxembourg, Poland, Romania, the Slovak Republic, Slovenia, and Switzerland, on the co-ordination of frequencies between 29.7 MHz and 39.5 GHz for the fixed service and the land mobile service (Berlijnovereenkomst 2003; bijlage 3);
- – Agreement between the Telecommunications Administrations of the Netherlands, Belgium, Luxembourg, France and Germany concerning the approval of planning arrangements between operators of mobile radio communication networks (bijlage 4).
- a. Het signaal van het gebruikte radiozendapparaat mag geen storing of belemmering veroorzaken in het etherverkeer en in radiozend- of ontvangapparaten. Eventueel noodzakelijke guardbands liggen binnen de toegewezen frequentieruimte.
- b. Het bepaalde in het vorige lid is niet van toepassing indien:
- 1. In het Radioreglement of in het Nationaal Frequentieplan anders is bepaald;
- 2. het radiozend- of ontvangapparaat dat storing of belemmering ondervindt, niet voldoet aan hetgeen ten aanzien daarvan is bepaald bij of krachtens de Telecommunicatiewet
- – Het maximale kanaalraster is 1,25 MHz en de centerfrequenties moeten voldoen aan de aanbeveling T/R25-08;
- – De basisstations zenden in de 461,76875–464,76875 MHz band en de mobiele terminals zenden in de 451,76875–454,76875 MHz band.
- – Op een voorkeurfrequentie mag de veldsterkte op 40 km afstand in het buurland en bepaald op 10 m hoogte niet meer bedragen dan 20 dBµV/m (voor analoge systemen: 50% plaats- en 10% tijdwaarschijnlijkheid, voor digitale systemen: 50% plaats- en 1% tijdwaarschijnlijkheid)
- – Op een niet-voorkeurfrequentie mag de veldsterkte op de grens met het buurland en bepaald op 10 m hoogte niet meer bedragen dan 20 dBµV/m (voor analoge systemen: 50% plaats- en 10% tijdwaarschijnlijkheid, voor digitale systemen: 50% plaats- en 1% tijdwaarschijnlijkheid)