Bijlage 1 Rsregjz: controleprotocol voor de accountantscontrole
Rijkssubsidieregeling jeugdzorg (Rsregjz)
Waar in dit protocol wordt gesproken van instelling wordt verstaan hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1, onder b van de Rijkssubsidie regeling jeugdzorg De jaarrekening van de instelling vormt het object van controle. In de jaarrekening zijn alle subsidies, die uit hoofde van de Wet op de jeugdzorg (hierna ook: de wet) zijn verstrekt, en alle kosten, die met de gesubsidieerde activiteiten zijn gemoeid, verantwoord. De accountant besteedt bij zijn controle specifieke aandacht aan de rechtmatigheid van de verantwoorde subsidiebaten en dat de activiteiten die in de jaarrekening zijn verantwoord daadwerkelijk zijn uitgevoerd. De rechtmatigheid wordt benaderd vanuit de uitgangspunten, dat de accountant: Inzake de controle op de rechtmatigheid van de besteding van subsidiemiddelen dient, gerelateerd aan het bedrag op jaarbasis van de provinciale subsidie met betrekking tot een zorgaanbieder voor de uitvoering van jeugdzorg waarop aanspraak bestaat ingevolge de Wet op de jeugdzorg en voor een stichting voor de uitvoering van de wettelijke taken, een tolerantie te worden gehanteerd van: 1% bij subsidies van > € 250.000 op jaarbasis; 3% bij subsidies van > € 50.000 doch < € 250.000 op jaarbasis; 5% bij subsidies van < € 50.000 op jaarbasis. Uit de controlebevindingen kan blijken dat bij een bepaalde subsidie materiële tekortkomingen zijn geconstateerd maar dat die tekortkomingen voor het algehele beeld van de jaarrekening niet materieel zijn. De strekking van de accountantsverklaring bij de jaarrekening is dan een goedkeurende, doch de constatering dient in het rapport van bevindingen te worden gerapporteerd. De jaarrekening wordt gecontroleerd met de (normale) aandacht, die van de accountant wordt verlangd bij het verrichten van werkzaamheden uit hoofde van een controle van de jaarrekening, gericht op het afgeven van een goedkeurende verklaring bij die jaarrekening. Bijzondere aandacht wordt verlangd in die zin dat de accountant werkzaamheden uitvoert die het mogel
- a. vaststelt dat de instelling heeft gehandeld overeenkomstig de wet en de daarop berustende bepalingen en de bij de subsidieverlening gestelde voorwaarden;
- b. zich niet richt op de inhoudelijk-beleidsmatige voortgang of resultaten van een gesubsidieerde activiteit of een gesubsidieerd project, doch zich uitsluitend richt op de beheersmaatregelen die de instelling rond de inhoudelijke en procesmatige voortgang van de activiteit of het project in opzet en werking heeft getroffen. Onder beheersmaatregelen worden in dit verband mede het opstellen en handhaven van kwaliteitseisen verstaan;
- c. vaststelt dat de instelling, in het licht van de beschikking waarbij de subsidie werd verleend voldoende beheersmaatregelen in opzet en werking heeft getroffen.
- a. knelpunten in de opzet of in de werking van administratieve organisatie, waardoor de facto onzekerheden bestaan rond de juistheid van de verantwoorde subsidie;
- b. knelpunten in de overige administratieve organisatie en interne controle, geclusterd naar knelpunten die leiden tot onzekerheden:
- 1°. over de juistheid of rechtmatigheid van verantwoorde kosten;
- 2°. over de volledigheid van verantwoorde opbrengsten;
- 3°. op andere punten van materiële omvang;
- c. overige knelpunten, waarop de accountant de aandacht wil vestigen.