Art. 1 Besluit aanwijzing ambtenaren VROM-regelgeving

Besluit aanwijzing ambtenaren VROM-regelgeving

1. Deze regeling vindt mede haar grondslag in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, de Wet ruimtelijke ordening en de Wet belastingen op milieugrondslag.

2. De directeur-inspecteur van het Inspectoraat-Generaal VROM in de betrokken regio wordt aangewezen als inspecteur in de zin van:

– de Drinkwaterwet;

– de Interimwet stad-en-milieubenadering;

– het Vuurwerkbesluit;

– de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht;

– de Wet bodembescherming;

– de Wet geluidhinder;

– de Wet hygiëne en veiligheid badinrichtingen en zwemgelegenheden;

– de Wet inzake de luchtverontreiniging;

– de Wet milieubeheer;

– de Wet ruimtelijke ordening;

– de Woningwet, met uitzondering van de aangelegenheden met betrekking tot welke ingevolge de artikelen 2 en 3 van het Besluit mandatering aan ILT van handhavingsbevoegdheden en aanwijzing toezichthouders op het terrein van BZK-wetgeving en de artikelen 3 tot en met 5 van het Besluit mandaat Autoriteit woningcorporaties en WNT mandaat en machtiging is verleend aan de Inspecteur-Generaal Leefomgeving en Transport, bedoeld in artikel 1, tweede lid, van het Instellingbesluit Inspectie Leefomgeving en Transport.