Art. 3 Besluit spoorwegpersoneel, Gradaties binnen veiligheidsfuncties
1. Binnen de veiligheidsfunctie van machinist worden de volgende gradaties onderscheiden:
a. machinist met volledige bevoegdheid;
b. machinist met beperkte bevoegdheid;
c. machinist met minimale bevoegdheid;
d. gereedschapsmachinist.
2. Binnen de veiligheidsfunctie van rangeerder worden de volgende gradaties onderscheiden:
a. rangeerder met volledige bevoegdheid;
b. rangeerder met minimale bevoegdheid.
3. Binnen de veiligheidsfunctie van treindienstleider worden de volgende gradaties onderscheiden:
a. treindienstleider met volledige bevoegdheid;
b. treindienstleider met minimale bevoegdheid.