Art. 3 Verordening algemene bepalingen heffingen (PVV) 2005, Vaststelling en oplegging

Verordening algemene bepalingen heffingen (PVV) 2005

1. De heffing wordt door de voorzitter vastgesteld en aan de ondernemer opgelegd door middel van toezending of uitreiking van een heffingsfactuur.

2. De heffingsfactuur is gedagtekend en bevat ten minste:

a. naam en adres van de heffingsplichtige;

b. een specificatie of toelichting omtrent de wijze waarop de heffing is berekend, en

c. het totaal van de heffing.

3. In afwijking van het eerste lid kan de voorzitter de heffingsplichtige een voorlopige heffing opleggen tot het bedrag waarop de heffing vermoedelijk zal worden vastgesteld. De voorlopige heffing wordt verrekend met de krachtens een heffingsverordening verschuldigde heffing.