Bijlage 4 Tijdelijke stimuleringsregeling advies- en steunpunten huiselijk geweld
Tijdelijke stimuleringsregeling advies- en steunpunten huiselijk geweld
1e. de start- of uitbreidingsdatum van het advies- en steunpunt; 2e. het aantal telefonische contacten per maand met het advies- en steunpunt. 1e. het aantal telefonische contacten* per maand van het advies- en steunpunt met: 2e. het aantal vervolgcontacten per maand van het advies- en steunpunt, onderverdeeld naar: 3e. het aantal doorverwijzingen per maand naar: 4e. een beschrijving van de activiteiten betreffende: ad * het gaat zowel om inkomende als uitgaande gesprekken. Een telefoongesprek dat iemand voert namens of over meerdere personen, bijvoorbeeld een aantal slachtoffers of omstanders, wordt als één telefonisch contact meegeteld. 1e. het aantal telefonische contacten* per maand van het advies- en steunpunt met: 2e. het aantal vervolgcontacten per maand van het advies- en steunpunt, onderverdeeld naar: 3e. het aantal doorverwijzingen per maand naar: 4e. een beschrijving van de activiteiten betreffende: 5e. een beschrijving van de voorbereidingen die worden getroffen met het oog op de voortzetting van de activiteiten van het advies- en steunpunt na de stimuleringsperiode. ad * het gaat zowel om inkomende als uitgaande gesprekken. Een telefoongesprek dat iemand voert namens of over meerdere personen, bijvoorbeeld een aantal slachtoffers of omstanders, wordt als één telefonisch contact meegeteld.
- – slachtoffers;
- – plegers;
- – omstanders;
- – professionals;
- – andere betrokkenen;
- – telefonische contacten;
- – face-to-facecontacten;
- – andere contacten;
- – een Advies- en meldpunt kindermishandeling;
- – een instelling voor vrouwenopvang;
- – overige hulpverlening;
- – de politie;
- – overig;
- – specifieke doelgroepen;
- – de telefonische bereikbaarheid;
- – mogelijkheden voor vervolggesprekken met het advies- en steunpunt;
- – samenwerkingsafspraken;
- – deskundigheidsbevordering;
- – publiekscampagnes;
- – de wijze van registratie.
- – slachtoffers;
- – plegers;
- – omstanders;
- – professionals;
- – andere betrokkenen;
- – telefonische contacten;
- – face-to-facecontacten;
- – andere contacten;
- – een Advies- en meldpunt kindermishandeling;
- – een instelling voor vrouwenopvang;
- – overige hulpverlening;
- – de politie;
- – overig;
- – specifieke doelgroepen;
- – de telefonische bereikbaarheid;
- – mogelijkheden voor vervolggesprekken met het advies- en steunpunt;
- – samenwerkingsafspraken;
- – deskundigheidsbevordering;
- – publiekscampagnes;
- – de wijze van registratie;