Art. 6.1 Organisatiebesluit VROM 2004, Algemeen
1. De plaatsvervangend secretaris-generaal is hoofd van dienst van de Gemeenschappelijke Dienst en voorzitter van de Directieraad Gemeenschappelijke Dienst.
2. De Gemeenschappelijke Dienst bestaat uit de volgende organisatieonderdelen:
a. Dienstbureau Gemeenschappelijke Dienst;
b. Directie VROM Administratiekantoor (VAK);
c. Directie Facilitaire en Informatie Dienst (FID);
d. Directie VROM Advies- en Expertdienst (VAED);
e. Directie Juridische Zaken (DJZ).
3. Voor de positionering van de directies van de Gemeenschappelijke Dienst geldt dat de directies:
a. een opdrachtnemer/opdrachtgeverrelatie onderhouden met de Concernstaf en de andere dienstonderdelen van het Ministerie;
b. een opdrachtgever/opdrachtnemerrelatie onderhouden met externe partijen bij uitbesteding van werkzaamheden;
c. een informatieverschaffingrelatie onderhouden met de Concernstaf, de andere directies van de Gemeenschappelijke Dienst, de dienstonderdelen van het Ministerie, de andere Ministeries en andere overheidsinstanties;
d. binnen de daartoe vastgestelde kaders en procedures – in opdracht – andere dan onder a tot en met c genoemde relaties onderhouden met medewerkers, debiteuren of externe instanties indien en voor zover de taken van de desbetreffende directie dit met zich meebrengen.