Bijlage 2xx Regeling herverkaveling: behorende bij artikel 25 van de Regeling herverkaveling
Nadere regels per blok betreffende de tweede schatting voor de ruilverkaveling ‘Sauwerd’ De objectieve en subjectieve factoren, bedoeld in artikel 4 en 5 van de regeling, worden als volgt in punten2De geldwaarde van een punt is de breuk van het totaal van de ten laste van de gezamenlijke eigenaren komende kosten van de landinrichting, bedoeld in artikel 222, vierde lid, van de wet, gedeeld door het totaal aantal punten. gewaardeerd: Een verandering van de agrarische waarde, bedoeld in artikel 2 van de regeling, wordt bepaald op het verschil tussen de waarde bij de eerste schatting en de waarde bij de tweede schatting, waarbij laatstgenoemde waarde met inachtneming van het stelsel van classificatie wordt geschat in klassen van € 6.806,70 tot en met € 11.344,50 per hectare, met intervallen van € 453,78. De waarde van de onroerende zaken die een waardeverandering als bedoeld in artikel 3 van de regeling ondergaan wordt met inachtneming van het stelsel van classificatie geschat in klassen van € 6.806,70 tot en met € 11.344,50 per hectare, met intervallen van € 453,78. De verrekenposten, bedoeld in artikel 23, eerste lid, van de regeling, worden als volgt geschat:
- a. De afstand van de kavels tot de dichtstbijzijnde openbare verharde weg in 5 klassen van respectievelijk 0, 15, 30, 45 en 60 punten per hectare;
- b. De afstand van de gebouwen tot de dichtstbijzijnde openbare verharde weg in 6 klassen van respectievelijk 50, 100, 150, 200, 250 en 300 punten per gebouw c.q. complex van gebouwen;
- c. De verkaveling omvattende vorm, grootte, aantal, afstand tot de gebouwen en mate van kavelconcentratie in 5 klassen van 0 tot en met 20 punten per hectare, met intervallen van 5 punten;
- d. De bepaling van de waardeveranderingen als gevolg van landinrichting in de objectieve en subjectieve factoren geschiedt per eigendom (of per bedrijf) door vergelijking van de toegedeelde kavels met de ingebrachte kavels. Bij de beoordeling van de ingebrachte kavels wordt de invloed van reeds uitgevoerde landinrichtingswerken geëlimineerd, behoudens die van kavelverbeteringswerken.
- a. de aanwezigheid van hoogspanningsmasten op € 2.500,– per stuk;
- b. de aanwezigheid van verontreiniging in of op de bodem als bedoeld in artikel 1 van de Wet bodembescherming met een door een deskundige vast te stellen bedrag;
- c. de aanwezigheid van puin of afval in cultuurgronden in 3 klassen van € 0,80 per m2, € 1,60 per m2 en € 2,50 per m2;
- d. schaduw- en wortelschade zal worden verrekend op basis van € 0,35 per m2 voor lichte beplanting en € 0,75 per m2 voor zware beplanting;
- e. de andere dan agrarische waarde met een door een deskundige vast te stellen bedrag.
- 1. Over- en onderbedeling worden verrekend, door de waarde van de schatting, bedoeld in artikel 166 van de wet, te vermenigvuldigen met een factor 2,2.
- 2. De vastgestelde waardeveranderingen, bedoeld in de onderdelen B en C, worden verrekend na vermenigvuldiging met de factor, bedoeld in het eerste lid.