Bijlage 2mmm Regeling herverkaveling: nadere regels bij artikel 25 van de Regeling herverkaveling
De objectieve en subjectieve factoren, bedoeld in de artikelen 4 en 5 van de regeling, worden als volgt in punten gewaardeerd: Een verandering van de agrarische waarde, bedoeld in artikel 2 van de regeling, wordt bepaald op het verschil tussen de waarde bij de eerste schatting en de waarde bij de tweede schatting, waarbij laatstgenoemde waarde met inachtneming van het stelsel van classificatie wordt geschat in 3 klassen van € 0,–, € 2.269,– en € 9.076,– per hectare of in 11 klassen van € 22.689,– tot en met € 31.765,– per hectare, met intervallen van € 907,–. De waarde van de onroerende zaken die een waardeverandering als bedoeld in artikel 3 van de regeling ondergaan wordt met inachtneming van het stelsel van classificatie geschat in 3 klassen van € 0,–, € 2.269,– en € 9.076,– per hectare of in 11 klassen van € 22.689,– tot en met € 31.765,– per hectare, met intervallen van € 907,– . De verrekenposten, bedoeld in artikel 23, tweede lid, van de regeling, worden als volgt geschat:
- a. de afstand van de kavels tot de dichtstbijzijnde openbare verharde weg in twee klassen van respectievelijk 0 en 30 punten per hectare;
- b. de verkaveling omvattende vorm, grootte, aantal, afstand tot de gebouwen en mate van kavelconcentratie in zes klassen van 0 tot en met 50 punten per hectare met intervallen van 10 punten;
- c. de bepaling van de waardeveranderingen als gevolg van landinrichting in de objectieve en subjectieve factoren geschiedt per eigendom (of per bedrijf) door vergelijking van de toegedeelde kavels met de ingebrachte kavels. Bij de beoordeling van de ingebrachte kavels wordt de invloed van reeds uitgevoerde landinrichtingswerken geëlimineerd, behoudens die van kavelverbeteringswerken.
- a. erfdienstbaarheden op € 500,– , € 1250,– , € 10.000,– of € 14.000,– per geval;
- b. de aanwezigheid van verontreinigingen in of op de bodem als bedoeld in artikel 1 van de Wet bodembescherming met een door deskundigen vast te stellen bedrag;
- c. andere dan agrarische waarden met een door deskundigen vast te stellen bedrag;
- d. de aanwezigheid van hoogspanningsmasten op € 660,– per stuk;
- e. oppervlakteverkleining van huiskavels als gevolg van de toewijzing in het begrenzingenplan van wegbermen met de schattingswaarde 0, of van water met de schattingswaarde 0, in acht klassen van respectievelijk € 0,–, € 2,50, € 4,–, € 5,–, € 10,–, € 25,–, € 50,– en € 75,– per vierkante meter.
- 1. Over- en onderbedeling worden verrekend, door de waarde van de schatting, bedoeld in artikel 166 van de wet, te vermenigvuldigen met de factor 1,22.
- 2. De vastgestelde waardeveranderingen, bedoeld in de onderdelen B en C worden verrekend na vermenigvuldiging met de factor, bedoeld in het eerste lid.