Bijlage 2k Regeling herverkaveling: behorende bij artikel 25 van de Regeling herverkaveling
De objectieve en subjectieve factoren, bedoeld in de artikelen 4 en 5 van de regeling, worden als volgt in punten gewaardeerd: Een verandering van de agrarische waarde, bedoeld in artikel 2 van de regeling, wordt bepaald op het verschil tussen de waarde bij de eerste schatting en de waarde bij de tweede schatting, waarbij laatstgenoemde waarde met inachtneming van het stelsel van classificatie wordt geschat in klassen van € 907,– tot en met € 19.058,– per hectare, met intervallen van € 907,–. De waarde van de onroerende zaken die een waardeverandering als bedoeld in artikel 3 van de regeling ondergaan wordt met inachtneming van het stelsel van classificatie geschat in klassen van € 907,– tot en met € 19.058,– per hectare, met intervallen van € 907,–. De verrekenposten, bedoeld in artikel 23, tweede lid, van de regeling, worden als volgt geschat:
- a. de afstand van de kavels tot de dichtstbijzijnde openbare verharde weg in 4 klassen van respectievelijk 0, 7, 15 en 22 punten per hectare;
- b. de waterhuishoudkundige toestand van de kavels in 6 klassen van respectievelijk 0, 7, 15, 22, 30 en 37 punten per hectare;
- c. de verkaveling omvattende vorm, grootte, aantal, afstand tot de gebouwen en mate van kavelconcentratie in 5 klassen van 0 tot en met 80 punten per hectare met intervallen van 20 punten;
- d. de bepaling van de waardeveranderingen als gevolg van landinrichting in de objectieve en subjectieve factoren geschiedt per eigendom (of per bedrijf) door vergelijking van de toegedeelde kavels met de ingebrachte kavels. Bij de beoordeling van de ingebrachte kavels wordt de invloed van reeds uitgevoerde landinrichtingswerken geëlimineerd, behoudens die van kavelverbeteringswerken.
- a. de aanwezigheid van hoogspanningsmasten op € 2.200,– per stuk voor een grote mast (lijn Dordrecht–Europoort), € 1.350,– per stuk voor een kleine mast (lijn Dordrecht–Klaaswaal) en overspanningen op € 0,77 per m2 (vierkante meter) zakelijk rechtstrook;
- b. de aanwezigheid van ondergrondse kabels en leidingen, waarvoor een beperkt recht is gevestigd, op € 0,77 per m2 (vierkante meter);
- c. erfdienstbaarheden op € 1.500,– per geval bij overpad over huis en/of bedrijfskavel bij overpad over landbouwgrond in 3 klassen respectievelijk van € 500,–, € 1.200,– en € 2.200,–, afhankelijk van de lengte van het overpad;
- d. de aanwezigheid van verontreinigingen in of op de bodem als bedoeld in artikel 1 van de Wet bodembescherming met een door deskundigen vast te stellen bedrag;
- e. de aanwezigheid van drainage in klassen van € 100,– tot en met € 1.000,– per ha, met intervallen van € 50,–;
- f. de schaduw- en wortelwerking in 3 klassen (zwaar, matig en licht) van respectievelijk € 3,–, € 2,–, en € 1,– per strekkende meter randbeplanting;
- g. de andere dan agrarische waarden door deskundigen indien van toepassing.
- 1. Over- en onderbedeling worden verrekend, door de waarde van de schatting, bedoeld in artikel 166 van de wet, te vermenigvuldigen met een factor 2,5 voor vrije grond en een factor van 1,25 voor verpachte grond.
- 2. De vastgestelde waardeveranderingen, bedoeld in de onderdelen B en C worden verrekend na vermenigvuldiging met een der factoren, bedoeld in het eerste lid.