Art. 4 Beleidsregel koel- en vriesinstallatie aan boord van vissersvaartuigen met een koudemiddel inhoud van meer dan 3 kg

Beleidsregel koel- en vriesinstallatie aan boord van vissersvaartuigen met een koudemiddel inhoud van meer dan 3 kg

Voor controle van de goede werking van de installatie gelden de volgende maatregelen:

1. Controle en lekdetectie

a. controle op correct functioneren en lekkage ten minste 1 keer per 12 maanden bij installaties met een inhoud van 3 kilogram koudemiddelinhoud of meer;

b. controle op correct functioneren en lekkage ten minste 1 keer per 3 maanden bij installaties met een inhoud van 30 kilogram koudemiddelinhoud of meer;

c. controle op correct functioneren en lekkage ten minste 1 keer per maand bij installaties met een inhoud van 300 kilogram koudemiddelinhoud of meer;

d. elke ruimte waarin een installatie met een koudemiddelinhoud van 1000 kilogram of meer is ondergebracht, is voorzien van permanent werkende detectieapparatuur;

e. in elke visverwerkingruimte waar als gevolg van lekkage van het toegepaste koudemiddel de MAC-waarde kan worden overschreden is permanent werkende detectieapparatuur aanwezig.

2. De schipper is in staat op verzoek informatie te verschaffen over de staat van onderhoud van de koel- en vriesinstallatie.

3. De controles en reparaties worden uitgevoerd door een ter zake kundig persoon.