Art. 1 Verordening PT vakheffing bloembollen plantgoed oogstjaar 2004/2005, Begripsbepalingen

Verordening PT vakheffing bloembollen plantgoed oogstjaar 2004/2005

1. In deze verordening en de daarop berustende bepalingen worden overgenomen de begripsbepalingen van de artikelen 1 en 2 van het Instellingsbesluit Productschap Tuinbouw.

2. In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

1. soorten en variëteiten van bloembollen die in de lijst, welke als bijlage bij de Verordening PT vakheffing bloembollen leverbaar oogstjaar 2004/2005 is gevoegd, zijn vermeld voor zover deze beneden de daarachter genoemde minimum-maten zijn verhandeld;

2. afgebroeide bloembollen;

3. geholde en gesneden hyacinten;

4. eenjarige bollen van geholde en gesneden hyacinten, voor zover verhandeld per bed of per mand;

5. bollen van hyacinten, die zijn verkocht onder de uitdrukkelijke voorwaarde dat deze zullen worden gebruikt als werkbollen, in welk geval deze voorwaarde op het koopbriefje dient te worden vermeld;

6. groen te velde per bed of per mand voor 15 juni van het kalenderjaar waarin het koopseizoen aanvangt verhandelde hyacinten, geplant in de maat onder zift 10, droog gesorteerd;

7. schubbollen van lelies, en

8. voortkwekingsmateriaal, voor zover bestemd voor de teelt van bloembollen, met uitzondering van zaden,

3. Deze verordening is niet van toepassing indien het betreft:

a. bloembollen, waarvan wordt aangetoond door overlegging van aankoopnota's dat deze in Nederland zijn geïmporteerd en nadien niet in Nederland zijn opgeplant;

b. transacties waarbij partijen groen te velde worden verhandeld en die de koper direct accepteert en waarvan hij het telen voortzet.