Art. 111 Wjz, Overgangs- en slotbepalingen

Wet op de jeugdzorg (Wjz)

1. De Wet op de jeugdhulpverlening wordt ingetrokken, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de financiële verantwoording, vaststelling en uitbetaling van op grond van die wet verleende subsidies en uitkeringen.

2. In wettelijke procedures en rechtsgedingen tegen besluiten die op grond van de Wet op de jeugdhulpverlening zijn genomen, dan wel op tegen deze besluiten in te stellen of ingestelde beroepen, blijven, zowel in eerste aanleg als in verdere instantie, de regels van toepassing, die golden voor de intrekking van die wet.

Uitspraken die dit artikel aanhalen