Art. 5 Besluit tekenbevoegdheid vertrouwensfuncties en veiligheidsonderzoeken ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties 2004
De tekenbevoegdheid wordt uitgeoefend met dien verstande dat:
a. geen beslissingen worden genomen ten aanzien van zaken van principiële aard;
b. de bestaande richtlijnen en gebruiken omtrent voorparaaf en medeparaaf in overleg en overeenstemming met medebelanghebbende afdelingen in acht zijn genomen;
c. de binnen het ministerie geldende instructies omtrent het voorleggen en afdoen van stukken zijn gevolgd;
d. geen stukken worden ondertekend, die bij de ontvanger de indruk kunnen wekken dat de ondertekenaar persoonlijk een beslissing neemt, welke door de minister moet worden genomen.