Art. 9 Wet tuchtrechtspraak bedrijfsorganisatie 2004, De tuchtgerechten
Wet tuchtrechtspraak bedrijfsorganisatie 2004
1. De voorzitter en de secretaris voldoen aan de vereisten voor benoeming zoals vermeld in artikel 5 van de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren.
2. De voorzitter wordt voor de tijd van zes jaren op voordracht van het bestuur van het betrokken bedrijfslichaam bij koninklijk besluit benoemd.
3. De leden en de secretaris worden voor de tijd van zes jaren door het bestuur van het betrokken bedrijfslichaam benoemd.
4. De secretaris en de leden zijn voor hun werkzaamheden voor het tuchtgerecht uitsluitend verantwoording schuldig aan het tuchtgerecht.