Bijlage I Hygiënebesluit fokbedrijven pluimveevleessector 2003: onderzoeksprogramma opfokbedrijven waarvan het pluimvee bestemd is voor fokbedrijven
Hygiënebesluit fokbedrijven pluimveevleessector 2003
Monsters op opfokbedrijven waarvan het pluimvee bestemd is voor fokbedrijven dienen genomen en onderzocht te worden op alle types Salmonella volgens onderstaande tabel: Leeftijd Onderzoek eendagskuikens; en Inlegvellen indien de voorgaande uitslag van het onderzoek op donsmonsters, meconiummonsters of op liggenblijvers (elitekoppel), Salmonella positief is: dode kuikens, bij aankomst 4 weken cloacamest: analyse door de GD maximaal 14 dagen voor overplaatsing mest: analyse door de G D De eendagskuikens worden onderzocht door middel van het bemonsteren van inlegvellen. Deze monsters worden genomen onder verantwoordelijkheid van de ondernemer die het opfokbedrijf uitoefent volgens het protocol uit onderdeel C. De monsters worden geanalyseerd door een door de voorzitter van het productschap erkend laboratorium. Wanneer Salmonella aanwezig is, moet geanalyseerd worden om welk serotype het gaat. Wanneer de donsmonsters, meconiummonsters of liggenblijvers van het betreffende koppel elitedieren (d.w.z. ouders van fokdieren) Salmonella positief blijken, dienen van de volgende uitkomst op het opfokbedrijf kuikens te worden bemonsterd die bij aankomst dood zijn (maximaal 60). Deze monsters worden genomen onder verantwoordelijkheid van de ondernemer die het opfokbedrijf uitoefent, volgens het protocol uit onderdeel D. De monsters dienen te worden geanalyseerd door een door de voorzitter van het productschap erkend laboratorium. Op een leeftijd van vier weken worden per stal 60 cloacamestmonsters genomen die tot twee monsters van ieder 30 worden gepoold. Op maximaal 14 dagen voor overplaatsing worden per stal 150 cloacamestmonsters genomen die gepoold worden tot 6 monsters van ieder 25 swabs. De ondernemer is zelf verantwoordelijk voor het tijdig laten nemen van monsters. Het nemen van de monsters wordt verder aangestuurd door de Gezondheidsdienst voor Dieren (hierna te noemen GD) en wordt uitgevoerd door het Controle Bureau Dierlijke Sector (hierna te noemen CBD) of een andere
- - Steriele plastic zakken of potten.
- - Etiketten.
- - Steriele plastic handschoenen.
- - Inzendformulier.
- - Er dient bij elke levering een monster van 40 inlegvellen per vrachtauto en per aanhangwagen genomen te worden. Indien er minder dan 40 inlegvellen voorhanden zijn dienen 40 stukjes van de aanwezige inlegvellen genomen te worden. Indien er minder dan 10 inlegvellen aanwezig zijn dienen er minimaal 4 hele inlegvellen voor onderzoek ingestuurd te worden of wat er voorhanden is.
- - De monsters moeten duidelijk met mest besmeurde (delen van) inlegvellen zijn en zoveel mogelijk (van) de inlegvellen uit de onderste kratten, containers dan wel dozen zijn.
- - De monsters dienen evenredig verspreid over de geleverde kuikens verzameld te worden.
- - Scheur, indien er voldoende inlegvellen voorhanden zijn, met behulp van steriele plastic handschoenen een duidelijk zichtbaar besmeurd deel (ca. 5 bij 5 cm) van een inlegvel af. Indien er onvoldoende inlegvellen voorhanden zijn dient een heel inlegvel genomen te worden.
- - Doe dit in een plastic pot of zak.
- - Doe dit zo dat de monsters niet met iets anders in aanraking komen, om evt. besmetting van/vanuit de omgeving te voorkomen.
- - Verzamel op deze wijze per vrachtauto en per aanhangwagen 1 pot met alle stukjes inlegvellen.
- - Sluit iedere pot direct na het vullen zorgvuldig.
- - Voorzie elke pot van een etiket met de volgende gegevens: monsterdatum, KIP nummer en stalnummer(s).
- - Elke inzending moet vergezeld gaan van minimaal de volgende gegevens: de monsterdatum, het stalnummer en de afzender (KIP-nummer).
- - De monsters moeten binnen 48 uur aanwezig zijn bij een door de voorzitter van het productschap erkend laboratorium.
- - De monsters moeten zo zijn verpakt dat onderweg geen lekkage kan optreden en zo zijn geadresseerd dat voor de transporteur en de ontvanger geen verwarring ontstaat.
- - Steriele plastic zakken of potten.
- - Etiketten.
- - Steriele plastic handschoenen.
- - Inzendformulier.
- - Alle dode kuikens dienen bij aankomst op het opfokbedrijf te worden bemonsterd (met een maximum van 60).
- - Verzamel de dode kuikens met behulp van steriele plastic handschoenen.
- - Doe dit in een plastic pot of zak.
- - Doe dit zo dat de monsters niet met iets anders in aanraking komen, om eventuele besmetting van/vanuit de omgeving te voorkomen.
- - Sluit iedere pot of plastic zak direct na het vullen zorgvuldig af.
- - Voorzie elke pot of plastic zak van een etiket met de volgende gegevens: monsterdatum, KIP-nummer, naam pluimveehouder en stalnummer(s).
- - Elke inzending moet vergezeld gaan van minimaal de volgende gegevens: de monsterdatum, het stalnummer en de afzender (KIP-nummer en naam pluimveehouder).
- - De monsters moeten binnen 48 uur aanwezig zijn bij een door de voorzitter van het productschap erkend laboratorium.
- - De monsters moeten zo zijn verpakt dat onderweg geen lekkage kan optreden en zo zijn geadresseerd dat voor de transporteur en de ontvanger geen verwarring ontstaat.
- - Op het laboratorium worden de dode kuikens opengeknipt met steriele schaar en pincet.
- - Lever, dooierrest en darmpakket worden verwijderd. Na uitwendige desinfectie met alcohol worden de delen, dan wel de inhoud ervan in een 10-voudige hoeveelheid BPW gehomogeniseerd.
- - De analyse geschiedt conform de Branchemethode voor het aantonen van Salmonella in dons, faeces, vellen en eindproduct afkomstig van pluimvee.
- - Het is toegestaan een mengmonster te maken van de organen van meerdere kuikens, tot een maximum van 15, waarbij de 1:10 verdunning in acht wordt genomen. Indien er meerdere kuikens moeten worden onderzocht zullen er dus meerdere mengmonsters worden gemaakt.
- - 2 paar overschoentjes (steriel).
- - Steriele plastic zakken.
- - Etiketten.
- - Inzendformulier.
- - Er dient per stal tweemaal bemonsterd te worden met een apart paar overschoentjes.
- - Het monster moet evenredig verspreid over de stal verzameld te worden.
- - Was voor de monstername altijd uw handen.
- - Trek in de stal over het staleigen schoeisel een paar overschoentjes aan.
- - Loop een volledige ronde door de stal.
- - Doe de overschoentjes bij het verlaten van de stal in een steriele plastic zak.
- - Per stal dienen twee paar overschoentjes te worden ingestuurd. De werkwijze moet dus worden herhaald.
- - Sluit iedere zak direct na het vullen zorgvuldig.
- - Voorzie de zak van een etiket met de volgende gegevens: monsterdatum, stalnummer en KIP nummer.
- - Elke inzending moet vergezeld gaan van minimaal de volgende gegevens: de monsterdatum, het stalnummer en de afzender (KIP-nummer).
- - De monsters moeten binnen 48 uur aanwezig zijn bij het erkende laboratorium.
- - De monsters moeten zo zijn verpakt dat onderweg geen lekkage kan optreden en zo zijn geadresseerd dat voor de transporteur en de ontvanger geen verwarring ontstaat.
- - 2 dragswabs (steriel).
- - Steriele plastic zakken.
- - Etiketten.
- - Inzendformulier.
- - Er dient per stal tweemaal bemonsterd te worden met een aparte dragswab.
- - Het monster moet evenredig verspreid over de stal verzameld te worden.
- - Was voor de monstername altijd uw handen.
- - Sleep de dragswab door de stal.
- - Loop een volledige ronde door de stal.
- - Doe de dragswab bij het verlaten van de stal in een steriele plastic zak.
- - Per stal dienen twee dragswabs te worden ingestuurd. De werkwijze moet dus worden herhaald.
- - Sluit iedere zak direct na het vullen zorgvuldig.
- - Voorzie de zak van een etiket met de volgende gegevens: monsterdatum, stalnummer en KIP nummer.
- - Elke inzending moet vergezeld gaan van minimaal de volgende gegevens: de monsterdatum, het stalnummer en de afzender (KIP-nummer).
- - De monsters moeten binnen 48 uur aanwezig zijn bij het erkende laboratorium.
- - De monsters moeten zo zijn verpakt dat onderweg geen lekkage kan optreden en zo zijn geadresseerd dat voor de transporteur en de ontvanger geen verwarring ontstaat.