Bijlage 1 Regeling aanvraagprocedure en veiling gebruiksrecht frequentieruimte voor WLL
Regeling aanvraagprocedure en veiling gebruiksrecht frequentieruimte voor WLL
A. 1 Algemeen 1. Naam van de aanvrager; 2. Rechtsvorm van de aanvrager; 3. Vestigingsplaats van de aanvrager en, als deze niet dezelfde zijn, de statutaire zetel en de zetel van het hoofdbestuur; 4. Een recent uittreksel, niet ouder dan twee maanden gerekend vanaf de datum van indiening van de aanvraag, van het register van de Kamer van Koophandel; 5. Een lijst van degenen die bevoegd zijn de aanvrager rechtsgeldig te vertegenwoordigen, met daarbij vermeld de beperkingen die eventueel met betrekking tot de vertegenwoordigingsbevoegdheid gelden. A. 2 Eigendomsverhoudingen 1. Beschrijving van de grootte van het aandelenkapitaal, de samenstelling in soorten aandelen, zoals gewone, preferente, converteerbare of prioriteitsaandelen, en de verdeling over de aandeelhouders; 2. Beschrijving van de zeggenschapsverhoudingen en van alle overeenkomsten die deze verhoudingen beïnvloeden. A. 3 Overeenkomsten met derden Een beschrijving van alle bestaande en voorgenomen strategische overeenkomsten met derden. A. 4 Schriftelijke verklaring omtrent de juistheid der gegevens 1. De informatie over de aanvrager gaat vergezeld van een schriftelijke verklaring omtrent de juistheid en volledigheid van de door de aanvrager verstrekte gegevens, bedoeld onder A. 1, A. 2 en A. 3 verstrekt door een onafhankelijke advocaat die gevestigd is in een van de lidstaten van de Europese Unie of in een van de overige staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte; 2. De schriftelijke verklaring bedoeld onder A. 4.1, geeft tevens aan dat: B. Vergunningen voor WLL De aanvrager geeft aan op welke kavel of kavels als bedoeld in artikel 3 van de Regeling aanvraagprocedure en veiling gebruiksrecht frequentieruimte voor WLL de aanvraag betrekking heeft en hoeveel kavels hij maximaal wenst te verwerven. Indien de aanvrager maximaal één kavel wenst te verwerven, geeft hij tevens aan welke kavel zijn voorkeur heeft.
- a. de aanvrager niet in staat van faillissement verkeert, noch een verzoek tot faillietverklaring van de aanvrager is ingediend;
- b. ten aanzien van de aanvrager geen surséance van betaling is aangevraagd, noch aan de aanvrager surséance van betaling is verleend, en
- c. geen substantieel beslag is gelegd op bedrijfsmiddelen van de aanvrager.