Art. 2.1.2 Beleidsregel toetsing vergunningen personenvervoer aan de Wet Bibob, Voordelen uit strafbare feiten
Beleidsregel toetsing vergunningen personenvervoer aan de Wet Bibob
1. De Minister neemt ingevolge het gevaar als bedoeld in artikel 2.1.1 uitsluitend strafbare feiten in aanmerking:
a. die zijn gepleegd;
b. waarvoor een veroordeling is uitgesproken;
c. ingevolge waarvan aanzienlijke voordelen zijn of kunnen worden behaald; waaronder financiële middelen, zaken, producten, diensten, gegevens, informatie, waardepapieren, concurrentievoordeel, goodwill, goede naam of en andere voordelen zonder een in het zakelijk verkeer gebruikelijke tegenprestatie;
d. waarvan de voordelen kunnen worden benut in de uitoefening van het beroep of bedrijf van de aanvrager of houder dan wel de activiteiten waarvoor de vergunning is bedoeld;
e. die worden aangemerkt als een misdrijf; en
f. die van zodanig gewicht zijn dat in handeling en gevolg de rechtsorde dan wel economische, maatschappelijke of openbare belangen kunnen worden geschaad.
2. Het eerste lid, onder b is niet van toepassing op de weigering of intrekking van een vergunning voor het verrichten van taxivervoer en openbaar vervoer per trein.