Bijlage 1 Toetsingskader nieuwe opleidingen hoger onderwijs (NVAO): : Toelichting (Algemeen en per hoofdstuk)

Toetsingskader nieuwe opleidingen hoger onderwijs (NVAO)

De NAO heeft de taak om aanvragen voor nieuwe opleidingen te toetsen op kwaliteit. Deze toetsing op kwaliteit omvat ook het antwoord op de vragen of voldaan is aan condities die nodig zijn voor het opstarten van de nieuwe opleiding en of de nieuwe opleiding duurzaam kan worden aangeboden. Een nieuwe opleiding is een opleiding die voor de desbetreffende instelling moet leiden tot een nieuwe registratie in het CROHO. De beoordeling van de effecten van een nieuwe opleiding voor het totale aanbod aan opleidingen en hun maatschappelijke wenselijkheid (toets op macrodoelmatigheid) ligt bij de minister van Onderwijs Cultuur en Wetenschappen en niet bij de NAO. Deze toetsing vindt plaats na de toetsing door de NAO. Een positieve uitkomst van de toetsing van nieuwe opleidingen door de NAO leidt tot het recht een opleiding aan te bieden. Voor de bekostigde opleidingen is een aanvullende voorwaarde dat het daarop volgende oordeel van de minister over de aanvraag positief is. Vanwege de gelijke rechtsgevolgen - het gedurende zes jaar kunnen aanbieden van de opleiding - moeten de onderwerpen en criteria van de toetsing van nieuwe opleidingen op hoofdlijnen overeenkomen met die voor de accreditatie van bestaande opleidingen. In de uitwerking naar facetten en criteria zijn er wel verschillen. De toetsing van nieuwe opleidingen heeft een ander karakter dan de beoordeling van bestaande opleidingen. Het gaat om plantoetsing. De vraag is of het voorstel gebaseerd is op heldere doelstellingen die aansluiten bij de verschillende eisen voor HBO en WO, voor Bachelor en Master en bij de domeinspecifieke eisen. Verder moet het plan een beschrijving van het programma en de voorzieningen bevatten die de verwachting rechtvaardigen dat de doelstellingen gerealiseerd zullen worden. Om deze onderwerpen te kunnen toetsen worden hoge eisen gesteld aan de kwaliteit van de informatie van de instellingen (bewijslastprincipe). Zo nodig schakelt de NAO bij de beoordeling externe deskundigen in. Een bela