Bijlage 11 Verordening PDV certificatie GMP diervoedersector 2003: gMP-standaard teelt van voedermiddelen GMP11;11-4-2003
Verordening PDV certificatie GMP diervoedersector 2003
1 Voorwoord 3 2 Onderwerp en Toepas-singsgebied 3 3 Normatieve Verwijzingen 4 4 Termen, Definities, Doelgroepen 4 4.1 Termen en Definities 4 4.2 Doelgroep 4 5 Kwaliteitssysteemeisen 4 5.1 Normen 4 5.2 Identificatie en Naspeurbaarheid van Producten 4 5.3 Procesbeheersing 5 5.3.1 Teelt 5 5.3.2 Oogst en inschuren 5 5.3.3 Opslag (op de boerderij) 6 5.3.4 Afleveren 7 5.3.5 Loonwerk 7 In de GMP-standaard voor handel in voedermiddelen wordt als uitgangspunt gehanteerd een GMP-gecertificeerde onderneming uitsluitend voedermiddelen koopt van een akkerbouwer, die GMP-gecertificeerd is ingevolge de GMP-standaard teelt van voedermiddelen (GMP11), of volgens een daarmee door het productschap verklaarde uitwisselbare kwaliteitsstandaard1Let op: Deze bepaling geldt vanaf 1 januari 2005. Tot die tijd kan van een teler wroden afgenomen mits met hem een overeenkomst is afgesloten. Het was de bedoeling hierbij aan te sluiten bij een basiscertificaat voor kwaliteitsborging in de akkerbouwsector. Deze komt echter op dit moment niet tot stand. Om die reden hebben de aardappelverwerkende en suikerbietverwerkende industrieën besloten een eigen voedselveiligheidstandaard op te stellen en vanaf medio 2003 te implementeren. Met deze GMP-standaard voor teelt van voedermiddelen wordt hierop aangesloten. Uitgangspunt is wel dat de beoordeling op het voldoen aan deze standaard plaatsvindt tezamen met eventuele andere van toepassing zijnde standaarden. De intentie is om, zodra er een basiscertificaat voor de gehele akkerbouwsector komt voor de borging van voedselveiligheid, hierop aan te sluiten. Met deze standaard wordt aangesloten bij de ontwikkeling van kwaliteitsborging in de Nederlandse akkerbouw. In de huidige situatie is het van toepassing bij aankoop van producten door GMP-gecertificeerde bedrijven. Bij uitbreiding van GMP-deelname in andere landen zal met betrokken landen overleg plaatsvinden in welke mate ook op een soortgelijke ontwikkeling aldaar kan worden aangesloten. Door het betrek
- a) ondernemers die voedermiddelen telen voor verkoop aan ondernemers die de producten de bestemming diervoeder geven
- b) ondernemers die voedermiddelen telen voor vervoedering aan dieren op het eigen bedrijf.
- welke percelen gebruikt worden voor de teelt van voedermiddelen voor de diervoedersector (bijvoorbeeld: Aanvraag oppervlakten =Mc Sharry aanvraag);
- ingekochte producten (o.a. zaaizaad, pootgoed, gewasbeschermingsmiddelen, bemestingsmiddelen) Bijvoorbeeld: Bijvoorbeeld: Nota's fiscale administratie;
- voor elke teelt (eventueel per perceel) de datum van behandeling, toegepaste behandelingen (incl. gebruikte middelen en hoeveelheid),zoals opgenomen in de eigenadministratie, zoals het Spuitboekje
- Stamboekafnemers en hoeveelheid afgeleverd product (bijvoorbeeld: afrekening fiscale administratie);
- a. Keuze uitgangsmateriaal
- Bij graanteelt bij voorkeur gebruikmaken van 100% ontsmet zaaizaad (ter voorkoming van en de aanwezigheid van schimmels);
- b. Perceel
- De perceelhistorie is van onbesproken aard;
- Bij twijfel m.b.t. de perceelhistorie de grond analyseren door een gecertificeerd laboratorium op het gebied van grondonderzoek (b.v. Ooster-beek);
- c. Gebruik gewasbeschermingsmiddelen/graanontsmettingsmiddelen
- Uitsluitend gebruik wettelijk geregistreerde middelen, met een toelating voor het betreffende gewas;
- De middelen toepassen volgens het wettelijk gebruiksvoorschrift en de gebruiksaanwijzing op de verpakking;
- Bijhouden van een administratie van gebruikte middelen (ook na oogst (zie 4.7), zoals opgenomen in de eigen administratie, zoals het spuitboekje;
- Gebruik maken van een goed afgestelde en goed werkende spuit en indien van toepassing een goedgekeurde spuit en spuitlicentie;
- d. Bemesting
- Bemestingsadvies opvolgen (bij voorkeur m.b.v. analysecijfers);Geen GFT compost op perceel opbrengen, tenzij BOOM verklaringaanwezig is en uit analyse blijkt dat er geen sprake is van verontreiniging met glas, zware metalen;
- Gebruik maken van een goedwerkende en indien van toepassing een goedgekeurde strooier;
- Bijhouden van een administratie van gebruikte meststoffen (zie 4.2); (bijvoorbeeld: fiscale administratie).
- e. Schimmelziekte
- Bij de aanwezigheid van schimmels de afnemer op de hoogte brengen;
- f. Ongewenste stoffen
- Bij vaststellen van contaminatie met onkruidzaden, vlasdodde en zwartemosterd, dit melden bij de afnemer;
- g. GGO
- Teelt van GGO rassen alleen toegestaan indien deze voldoen aan de wettelijke voorschriften;
- Het gebruik van GGO rassen afstemmen met de afnemer.
- Specificatie van de kwaliteit van de brandstoffen, alsmede de afspraken met de leveranciers hierover, gebaseerd op een risicobeoordeling. Uitgangspunt is dat uitsluitend minerale brandstoffen (gas, steenkool, aardolie)worden gebruikt die volgens de specificatie van de leveranciers geschikt zijnvoor het drogen van voedingsmiddelen;
- Specificatie van de beheersmaatregelen ter voorkoming van verontreiniging van de brandstoffen tijdens de opslagen het transport;
- Specificatie van de controle op de kwaliteit van de brandstoffen;
- Specificatie van de instelling van de brander- en drogerinstallatie ter voorkoming van de vorming van ongewenste stoffen.
- Voorkomen dat vogels en huisdierenen hun uitwerpselen in contact kunnenkomen /nestelen met het (opgeslagen)product (o.a. deuren en ramen dicht, product afgedekt);
- Ongedierte voorkomen via het spannen van gaas voor de in- en uitlaatluiken;
- De voorraad bestrijdingsmiddelen dienen opgeslagen te worden in een afgesloten ruimte;
- Alle producten welke niet voldoen aan de voorwaarden uit de standaardvoor de teelt van voedermiddelen voor de diervoedersector bij afleveren verwijderen;
- Uitsluitend gebruik maken van schone, goed onderhouden apparatuur:
- ▪ vrij van resten en geur van voorgaande ladingen;
- ▪ vrij van resten van reinigings en/of desinfectiemiddelen;
- ▪ droog.
- a. Diervoedergrondstoffen: vegen
- b. grond/stenen: reinigen met water (hoge druk)
- c. kunstmest: reinigen met water
- d. droge stapelbare pluimvee- en paardenmest: reinigen met water + desinfectie
- e. natie mest, drijfmest: reiniging, desinfectie en vrijgave na externe inspectie door een door het Productschap Diervoeder aangewezen inspectie instelling.
- f. verpakte producten: vegen
- De transporteur dient over een certificaat te beschikken;
- En een kopie hiervan is in de administratie van de teler aanwezig.
- De teler is verantwoordelijk dat de loonwerker werkt volgens de voorschriften en ziet hier ook op toe;
- In de administratie opnemen welke werkzaamheden (activiteit + datum)de loonwerker uitvoert;
- De teler is verantwoordelijk dat dezelfde registraties bijgehouden worden voor de werkzaamheden die uitgevoerd worden door de loonwerker.
- bij brand, ongelukken of vondst (waarbij sprake kan zijn) van glas, olie, chemicaliën, of quarantaine organismen etc. corrigerende maatregelen te treffen;
- Voorkomende calamiteiten te registreren;
- Getroffen corrigerende maatregelen te registreren.