Bijlage 10 Verordening PDV certificatie GMP diervoedersector 2003: gMP-standaard laboratorium bedrijfsinterne controle diervoedersector GMP10;11-4-2003

Verordening PDV certificatie GMP diervoedersector 2003

1 Onderwerp en Toepassingsgebied 3 2 Normatieve Verwijzingen 3 2.1 Kwaliteitsschema 3 2.2 Organisatieschema 3 2.3 Beheer kwaliteitssysteem 3 3 Termen, Definties, Doelgroepen 3 3.1 Vastleggen 3 3.2 Handboek 4 4 Inrichting 4 5 Personeel 4 6 Apparatuur 4 7 Monster, Standaarden, Referentie- en Hulpmateriaal 5 8 Voorschriften 5 9 Registratie, Rapprtage en Archievering 5 10 Kwaliteitscontroleplan en Interne Audit 6 11 Ringonderzoek 6 12 Uitbesteding aan andere Laboratoria 6 13 Klachtenbehandeling 7 14 Toelichting 7 Uitvoeren van analyses in monsters toevoegingsmiddelen, voedermiddelen, voormengsels en diervoeders in het kader van de kwaliteitsborging volgend de GMP-regeling diervoedersector dient op zodanige wijze plaats te vinden, dat de betrouwbaarheid van geproduceerde resultaten op een voldoende niveau wordt beheerst en geborgd. Dit dient betrokkene zelf, via een kwaliteitsborgingssysteem, aantoonbaar te maken. Certificatie vindt plaats per type verrichting, in combinatie met de analysemethode en matrix, welke ook in het certificaat worden vastgelegd. Een verrichting is datgene wat met een analysemethode kan worden geanalyseerd. Deze standaard is bedoeld voor laboratoria die onderzoek uitvoeren in het kader van bedrijfsinterne controle (kwaliteitscontrole) ingevolge de GMP-regeling in ondernemingen in de diervoedersector. Het laboratorium dient de kritische punten van monsterontvangst, -opslag & -behandeling, onderzoek, registratie, rapportage en archivering te beheersen en te borgen. Het laboratorium dient een kwaliteitssysteem te hebben waarin is opgenomen de organisatie en documentatie van de verantwoordelijkheden, bevoegdheden, de procedures, de processen en de voorzieningen met betrekking tot het beheersen en het borgen van de betrouwbaarheid van analyseresultaten. De verantwoordelijkheid voor de goede opzet en het functioneren van het kwaliteitssysteem berust bij de directie van de onderneming. Een organisatieschema dient aan te geven hoe het laboratorium in de