Art. 1 Verordening HPA aardappelteelt 2003, Begripsbepalingen
Verordening HPA aardappelteelt 2003
Deze verordening verstaat onder:
a.
hoofdproductschap
:
Hoofdproductschap Akkerbouw;
b.
bestuur
:
bestuur van het hoofdproductschap;
c.
dagelijks bestuur
:
dagelijks bestuur van het hoofd productschap;
d.
voorzitter
:
voorzitter van het hoofdproductschap;
e.
secretaris
:
secretaris van het hoofdproductschap;
f.
commissie
:
Commissie Aardappelen;
g.
ondernemer
:
de natuurlijke of rechtspersoon die een onderneming drijft waarvoor het hoofdproductschap is ingesteld:
h.
N.A.K.
:
Stichting Nederlandse Algemene Keuringsdienst voor zaaizaad en pootgoed van landbouwgewassen, gevestigd te Emmeloord;
i.
keuringsdienst
:
N.A.K. dan wel een tot het afgeven van certificaten of verklaringen van goedkeuring bevoegde dienst of instelling van een andere E.U.-lidstaat of van een derde land, waar het teeltmateriaal op grond van artikel 15 van Richtlijn nr. 66/403/EEG van 14 juni 1966 betreffende het in de handel brengen van pootaardappelen (PbEG no. 125) is erkend of toegelaten;
j.
aardappelen
:
planten van de soort Solanum Tuberosum;
k.
pootaardappelen
:
aardappelen, kennelijk bestemd voor wederuitplant;
l.
pootaardappelen voor eigen gebruik
:
pootaardappelen, afkomstig van en bestemd voor de teelt binnen de eigen/dezelfde onderneming;
m.
perceel
:
een ononderbroken oppervlakte grond, in eigendom of in gebruik bij een onderneming, waarop één soort gewas geteeld wordt;
n.
eigen/dezelfde onderneming
:
het geheel van de percelen dat de ondernemer op Nederlands grondgebied beheert en voor eigen rekening en risico exploiteert.