Art. 3 Regeling eisen aan administratie inzake zoetwatervis

Regeling eisen aan administratie inzake zoetwatervis

1. In het geval een aanvoerder van zoetwatervis meer dan 5 kilogram zoetwatervis onder zich houdt, moet uit de administratie, bedoeld in artikel 2, blijken:

a. de vissoort;

b. per vissoort de hoeveelheid;

c. de plaats van opslag;

d. de datum van aanvoer van de zoetwatervis en de datum van verkoop;

e. herkomst van de zoetwatervis;

f. de naam van de afnemer.

2. In het geval de zoetwatervis zonder bemiddeling van een veiling of visafslag wordt verkocht, moet uit de administratie van de afnemer blijken:

a. de vissoort;

b. per vissoort de hoeveelheid;

c. de datum van aanvoer van de zoetwatervis en de datum van verkoop;

d. de naam van de aanvoerder en diens woonadres;

e. de herkomst van de zoetwatervis.

3. In het geval de zoetwatervis via de bemiddeling van een veiling ter verkoop wordt aangeboden, moet uit de administratie van de veiling blijken:

a. de vissoort;

b. per vissoort de hoeveelheid;

c. de naam van de aanvoerder;

d. de naam van de afnemer;

e. de datum van de aanvoer van de zoetwatervis en de datum van verkoop;

f. de herkomst van de zoetwatervis.