Bijlage 2 Warenwetbesluit Vruchtensappen

Warenwetbesluit Vruchtensappen

Deze bijlage behoort bij artikel 7, onder d. Gewone naam van de vrucht Botanische naam Minimumbrixwaarden voor gereconstitueerd vruchtensap en gereconstitueerde vruchtenmoes Appel* Malus domestica Borkh. 11,2 Abrikoos** Prunus armeniaca L. 11,2 Banaan** Musa sp. 21,0 Zwarte bes* Ribes nigrum L. 11,6 Druif* Vitis vinifera L. of hybriden daarvan Vitis labrusca L. of hybriden daarvan 15,9 Pompelmoes* Citrus x paradise Macfad. 10,0 Guave** Psidium guajava L. 9,5 Citroen* Citrus limon (L.) Burm.f. 8,0 Mango** Mangifera indica L. 15,0 Sinaasappel* Citrus sinensis (L.) Osbeck 11,2 Passievrucht* Passiflora edulis Sims 13,5 Perzik** Prunus persica (L.) Batsch var. persica 10,0 Peer** Pyrus communis L. 11,9 Ananas* Ananas comosus (L.) Merr. 12,8 Framboos* Rubus idaeus L. 7,0 Zure kers* Prunus cerasus L. 13,5 Aardbei* Fragaria x ananassa Duch. 7,0 Mandarijn* Citrus reticulata Blanco 11,2 Wanneer een sap uit sapconcentraat is bereid uit een vrucht die niet is opgenomen in bovenstaande lijst, is de minimumbrixwaarde van het gereconstitueerde sap de brixwaarde van het sap dat is geëxtraheerd uit de voor de bereiding van het concentraat gebruikte vrucht. Voor de met * aangegeven producten die tot sap worden verwerkt, wordt een minimale dichtheid bepaald ten opzichte van water bij 20/20 °C. Voor de met ** aangegeven producten die tot moes worden verwerkt, wordt slechts een minimale ongecorrigeerde brixwaarde (zonder zuurcorrectie) bepaald. Voor zwarte bes, guave, mango en passievrucht gelden de brixwaarden uitsluitend voor gereconstitueerd vruchtensap en gereconstitueerde vruchtenmoes die in de Europese Unie zijn geproduceerd.