Bijlage 2 Herziene beleidsregel ontheffingen vervoer van vuurwerk met zeeschepen: handhaving vuurwerk/ explosieve stoffen aan boord van zeeschepen
Herziene beleidsregel ontheffingen vervoer van vuurwerk met zeeschepen
In samenhang met het toelatingsbeleid voor transport voor vuurwerk c.q. Explosieve stoffen met zeeschepen is een gestructureerde, transparante en eenduidige wijze van handhaving noodzakelijk. Voor een zeeschip dat meer dan de in art. 13, eerste lid van de Regeling vervoer van gevaarlijke stoffen met zeeschepen (Rvgz) genoemde hoeveelheden vuurwerk/explosieve stoffen binnen Nederland wil brengen, dient een ontheffing te worden aangevraagd bij de Inspectie Verkeer en Waterstaat (IVW). Na beoordeling van de aanvraag kan de IVW tot het volgende besluiten: Meerdere overtredingssituaties zijn mogelijk. Dit betreft onder meer: Uitgangspunt bij overtreding is het zo spoedig mogelijk opheffen van de onrechtmatige situatie. Hierbij kunnen de volgende (straf- en of bestuursrechtelijke) maatregelen worden genomen:
- 1. toewijzing ontheffingsaanvraag (positieve beschikking);
- 2. afwijzen ontheffingsaanvraag (negatieve beschikking);
- 3. aanvullende informatie verlangen;
- 4. niet in behandeling nemen van een aanvraag.
- A. Geen ontheffingsaanvraag ingediend en vervolgens
- nemen van ligplaats in haven waar dit op grond van de beleidsregel niet zou worden toegestaan en/of
- binnenvaren van de Nederlandse wateren;
- B. Afwijzende beschikking op ontheffingsaanvraag en vervolgens
- nemen van ligplaats in haven waar dit op grond van de beleidsregel niet toegestaan zou worden en/of
- (mogelijk) binnenvaren Nederlandse wateren.
- 1. het buiten de Nederlandse wateren houden van het zeeschip;
- 2. het zeeschip in overleg met havenautoriteit en het bevoegd gezag van de milieuvergunning dirigeren naar een ligplaats waar dit op grond van het toelatingsbeleid zou zijn toegestaan;
- 3. als 2 niet mogelijk is dient het schip de Nederlandse wateren te verlaten;
- 4. het opmaken van proces-verbaal.