Art. 3 Verordening bestrijding Ziekte van Aujeszky 2002
Verordening bestrijding Ziekte van Aujeszky 2002
1. Iedere ondernemer is verplicht om terstond nadat de entingen verricht zijn, ervoor zorg te dragen dat de op deze entingen betrekking hebbende vaccinatiebonnen door de betrokken dierenarts in drievoud volledig en naar waarheid worden ingevuld en ondertekend, ten blijke waarvan de ondernemer de desbetreffende vaccinatiebonnen mede van zijn handtekening dient te voorzien.
2. De ondernemer is verplicht het voor hem bestemde exemplaar van de in het eerste lid bedoelde vaccinatiebon gedurende 12 maanden op zijn vestiging te bewaren.
3. De ondernemer is verplicht, binnen 14 dagen nadat de entingen, bedoeld in artikel 2, verricht zijn, het daartoe bestemde exemplaar van de in het eerste lid bedoelde vaccinatiebon aan de door het Bestuur aangewezen dienst toe te zenden. De ondernemer is gekweten van de in de vorige zin bedoelde verplichting indien de betrokken dierenarts de vaccinatiebon, binnen 14 dagen nadat de entingen, bedoeld in artikel 2, verricht zijn, naar de dienst heeft gezonden.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- CBb 30 augustus 2005, ECLI:NL:CBB:2005:AU2848
- CBb 7 juli 2005, ECLI:NL:CBB:2005:AU1033
- CBb 29 januari 2004, ECLI:NL:CBB:2004:AO3787
- CBb 1 mei 2003, ECLI:NL:CBB:2003:AF9599
- CBb 1 mei 2003, ECLI:NL:CBB:2003:AF9597
- CBb 1 mei 2003, ECLI:NL:CBB:2003:AF9594
- CBb 1 mei 2003, ECLI:NL:CBB:2003:AF9591
- CBb 1 mei 2003, ECLI:NL:CBB:2003:AF9586